Open brief

Woensdagavond, twee uur na het bekend worden van de officiële verkiezingsuitslag, heb ik voor het eerst in mijn leven mijzelf gepeild.

Ik begon eenvoudig, met een kleine steekproef thuis. Zo’n proef geeft natuurlijk geen 100 procent zekerheid, maar een indicatie is het wel. 33 procent van de familie zag geen reden om te stoppen, 66 procent vond het wel mooi geweest.

Maar, zoals gezegd, zo’n steekproef zegt nog niks. Vandaar dat ik gisterochtend een voorlopige prognose heb gemaakt van mij als mezelf in algemeen verband – van Maurice de Hond als Maurice de Hond binnen het kader van mensen die Maurice de Hond kennen. Die prognose vertoonde dezelfde tendens die bij de steekproef ook al werd waargenomen: een kleine 27 procent van de mensen op kantoor beantwoordde de vraag ‘Bent u Maurice de Hond en zijn peilingen ook zo zat?’ met ‘Nee’.

Dat is, zoals wij dat in peilingjargon noemen, „nog geen meerderheid”.

Goed, een voorlopige prognose is slechts een prognose, en voorlopig bovendien, maar je ziet zich in die cijfers al wel iets aftekenen. Iets onafwendbaars.

Een lijn, zeggen wij peilers dan.

Rond het middaguur kregen wij de cijfers van de definitieve prognose binnen. Men heeft mij weleens gevraagd: hoe maak je toch zo’n definitieve prognose? En het is misschien heel gek – veel mensen zullen me niet eens geloven – maar dat is dus niet na te vertellen. Een groot peiler uit het verleden heeft weleens gezegd dat het magie is, en dat is het ook. Een soort trance, een trip. Het ene moment is een prognose nog voorlopig en dan opeens, hup, vraag me niet hoe, is-ie definitief.

Prachtige momenten.

Ook die definitieve prognose viel tegen, dat kun je rustig stellen. Van de 27 procent van de kantoorgenoten die in de voorlopige prognose nog achter mij stonden, was in de definitieve prognose nog maar 11 procent over. Ik weet als geen ander: een definitieve prognose klinkt misschien definitief, maar is toch ook maar een prognose – al is-ie dan definitief. Uiteindelijk is het laatste woord altijd aan de gepeilde. En toch.

Kort en goed: dank Matthijs, Paul, Jeroen, NOS, RTL, Volkskrant, NRC en verder iedereen die zo gretig mijn onzalige gegok op de wensen van mensen die zelf niet weten wat ze willen tot verantwoorde statistieken oppijpte. Ik heb weleens op het punt gestaan mijn laptop om te keren, de screensaver op het scherm te tonen en te roepen: „Hier! Daar heb je mijn gedegen onderzoek!”

Maar dat doe je dan toch niet; 72 procent van de mensen staat daar niet voor open.

Dank ook aan alle politici die zich al die jaren door mij op de kast hebben laten peilen. Jullie waren geweldig, wat mij betreft krijgen jullie allemáál een meerderheid.

En dank ook, Nederlanders. Jullie waren geweldig. Niet altijd even goed te peilen, jammer genoeg. Maar niettemin.

Dit is het laatste wat u van mij zult horen; ik vertrek. Waarheen weet ik niet, ik zweef nog. U zult voortaan uw eigen voorkeur moeten benoemen, sla er gerust een slag naar.

Met dankbare groet,