Opinie

Het uiteenspatten van een luchtbel

‘De verliezen bleken zó groot, dat het systeem als geheel ging wankelen. We zijn erg dichtbij een ineenstorting geweest. Het was bijzonder beangstigend.’

Deze week vier jaar geleden stortte de zakenbank Lehman Brothers in, en veranderde een financiële storm in een mondiale orkaan. Ik kreeg een e-mail van een Britse man achter in de vijftig die decennia lang op de ‘risico-afdeling’ van een grote bank werkte. „De hele kredietcrisis zat ik op de eerste rij”, schreef hij, „ik hoor wel of je dat nog interessant vindt”.

Dus daar zitten we te lunchen in een restaurant op Canary Wharf, zeg maar de ‘nieuwe City’ nabij London City Airport. Hij is sinds kort met pensioen en bestelt bij zijn fish cake een mooi glas wijn.

Ik heb nu een klein dozijn ‘risico managers’ gesproken en ze zijn in alles anders dan de zakenbankiers die ze binnen de perken moeten zien te houden; de toon waarop ze spreken, de kleding waarin ze zich hullen en het salaris dat ze krijgen – minder dan een ton. „Je zou kunnen zeggen dat we aan weerszijden zitten van het spectrum van menselijke emoties”, zegt hij zacht. „Agressie bij beurshandelaren en zakenbankiers, paranoia bij risicomanagers en interne toezichthouders.”

Zijn taak in het kort: beoordelen welke risico’s de bank loopt wanneer zij een lening wil verstrekken aan regeringen, bedrijven of individuen. Zakenbankiers willen zoveel mogelijk deals doen, want daarop worden ze beoordeeld. Wanneer ‘risico’ binnen de bank dan ‘nee’ zegt, kunnen dat harde confrontaties zijn, want de zakenbankier ziet zijn of haar bonus verdampen.

Hij herinnert zich nog goed zijn opluchting wanneer sommige leningen waren afbetaald. „Het kwam vaak voor dat we vier jaar geleden een lening hadden goedgekeurd, omdat we dachten dat de lener nog zeker tien jaar okay zou zijn. Maar opeens was er iets radicaal veranderd in dat land, en werd terugbetaling hoogst onzeker.” Hij weet nog hoe hij dan de dagen op de kalender telde, en bij binnenkomst van het geld verzuchtte: „Thank God”.

Buitenstaanders willen risicovrije banken en dat slaat nergens op, zegt hij. De essentie van bankieren is juist het vaststellen van een prijs voor risico. Los daarvan, hoe kun je risicovrij uitlenen aan een land, of een bedrijf in dat land? Wie voorzag de Arabische Lente, de instorting van Griekenland? God weet wat er gaande is in China, waar de gigantische Bank of China recent tot meest ondoorzichtige multinational op aarde werd aangemerkt?

Over de crisis heeft hij een andere lezing dan de samenzweringstheorieën aan de ene kant (‘ze wisten precies wat ze deden en hebben ons belazerd’) en de minachting aan de andere (‘ze deden maar wat’). „Met enige trots zeg ik dat wij met onze afdeling de luchtbel rond subprime-hypotheken hadden gezien. Wat we niet voorzagen was hoe erg de knal zou zijn. We dachten dat risico’s waren gespreid, zodat bij het uiteenspatten van de luchtbel het systeem als geheel stabiel bleef. Immers, luchtbellen in één specifieke sector zijn van alle tijden. Maar de verliezen bleken zó groot, dat het systeem als geheel ging wankelen. We zijn erg dichtbij een ineenstorting geweest. Het was bijzonder beangstigend.”

Het fiasco met de subprime-hypotheken in Amerika is typisch, zegt hij. Het begon met een goed idee: hypotheken voor het groeiende aantal freelancers dat geen standaardhypotheek kon krijgen. Om die hypotheken daarna op te knippen en door te verkopen aan institutionele beleggers was ook een goed idee, op zich, want dergelijke pensioenfondsen waren op zoek naar langetermijnbeleggingen. Twee vliegen in een klap. Maar toen ontdekten de grote banken dat dit wel een heel makkelijke manier van geld verdienen was, en „de rest is geschiedenis”.

Het lijkt wel het refrein van de sector: veel problemen van nu waren ooit oplossingen voor een ander probleem.

De auteur doet in deze column wekelijks verslag van het leven in de financiële wereld in Londen. Lees meer over de City op: guardian.co.uk/bankingblog