Een geval van monetaire geboortebeperking

Grote vraag vorige week, toen Mario Draghi van de Europese Centrale Bank de ongelimiteerde aankopen van staatsobligaties van zwakke eurolanden aankondigde: hij gaat toch wel steriliseren?

Steriliseren is hier een nogal plastische benaming voor het wegnemen van een ongewenst bijeffect. Als een centrale bank obligaties op de markt koopt, dan vervangt zij in wezen kapitaal (de obligatie) door geld (dat zij voor die obligatie betaalt). Er komt dan dus extra geld in omloop, en dat staat in dit geval te boek als ongewenst. Zeker in Duitsland.

De Bundesbank, de Duitse centrale bank, stuurde vroeger het monetaire beleid vooral op de hoeveel geld in omloop, in dit geval de zogenoemde M3. M staat hier voor money supply. Die traditie werd aanvankelijk voortgezet door de ECB, die zelfs een doelstelling voor de groei van de M3 formuleerde. M3 mocht 4,5 procent groeien, en dat is zo ongeveer gelijk aan de gewenste inflatie (2 procent), de volumegroei van de economie (2 procent) en een kleine technische bijstelling die te maken heeft met de omloopsnelheid van geld.

Op die manier zou de totale hoeveelheid geld in omloop gelijke tred houden met de waarde van alle geproduceerde goederen en diensten, bij een inflatie van 2 procent. Dat klonk mooi, maar werkte niet: de M3-groei nam sneller toe dan het doel en piekte eind 2007 op meer dan 12 procent. Daarna zakte hij, middenin de kredietcrisis, in tot nagenoeg nul procent.

Het van de Duitsers geërfde beleid raakte dan ook sterk op de achtergrond: de ECB concentreerde zich liever direct op de inflatie zelf. Maar de rol van geld is nooit helemaal verdwenen. Vorige week stak het geld de kop weer op toen Draghi zijn plan presenteerde.

De grootscheepse aankoop van obligaties door de ECB, als die er van komt, vergroot de hoeveelheid geld. Het ‘steriliseren’ bestaat er uit dat de centrale bank dat geld op een andere manier weer afroomt, zodat er netto niets in de geldhoeveelheid verandert. Dat kan door andere obligaties in portefeuille te verkopen. Het kan ook door banken er toe te verleiden meer geld op deposito te zetten bij de ECB. In een uiterst geval kan de ECB zelf langlopende leningen uitschrijven en zo geld ophalen.

Als het aankoopoffensief van Draghi een grootscheepse geldschepping betekent, dan is sterilisatie te beschouwen als een vorm van monetaire geboortebeperking. De vraag wordt nu of dat wel moet.

Gisteren kondigde de Amerikaanse centrale bank, de ‘Fed’, een nieuwe ronde van monetaire stimulering aan om de Amerikaanse economie te behoeden voor stagnatie. Wat doet de Fed, en wat heeft zij al tweemaal eerder gedaan? Het opkopen van obligaties om zo meer geld in de economie en het financiële systeem te pompen.

Moedwillig dus. En vergeten wordt dat Draghi’s vorige offensief van eerder dit jaar, waarbij bruto een miljard euro in het bankensysteem werd gepompt met leningen aan banken, op zijn minst potentieel geldscheppend is.

De roep om sterilisatie is dan ook grotendeels symbolisch. En, om in de analogie te blijven, voorbarig. Er kan nog een tijd komen waarin de ECB moedwillig niet steriliseert, want de Europese economie is nog niet uit het slop.

Een malthusiaanse variant van het monetaire beleid werkt onder normale omstandigheden al gebrekkig, zoals in de eerste jaren van de muntunie aan de ontwikkeling van M3 te zien was. Draghi deed er goed aan sterilisatie te beloven, maar hij doet er ook goed aan alle opties open te houden.

Maarten Schinkel