Onvermijdelijke mediacratie

Het kan dus wel, een politiek debat voeren op de televisie dat ook inhoudelijk interessant is. Deze conclusie viel gisteravond te trekken na het debat tussen de lijsttrekkers van VVD en PvdA in het programma Nieuwsuur. Er zijn, in de campagne die vanavond haar laatste lijsttrekkersdebat op tv beleeft, wel meer discussies gevoerd die voldoende niveau hadden om de kiezers te voorzien van bruikbare informatie bij het bepalen van de keuze naar welke partij hun stem gaat.

Uitzendingen dus die zich onttrokken aan de regels of theorieën over tv-formats dat de spanningsboog strak moet blijven. Dus: kort, hijg, snel, kort. Malligheid was er daardoor ook in overvloed: kunt u in 30 seconden uitleggen waarom u in de politiek bent gegaan?

Het is van belang hoe publieke en commerciële omroepen zich in verkiezingstijd van hun taak kweten. Zeker, de geïnteresseerde kiezer kan ook via de dag- en weekbladen, en de radio, voor evenwichtige informatie aan zijn trekken komen, als die zich tenminste niet geroepen voelen om zelf ook campagne te gaan voeren. Maar onmiskenbaar groot is de invloed van de tv-optredens van lijsttrekkers op het kiesgedrag. Op die manier komen de kiezers meer over de plannen van hun partijen, over hun opvattingen en idealen te weten. Er zijn nu eenmaal veel meer kijkers dan lezers van verkiezingsprogramma’s. Zo bezien is de mediacratie net zo’n werkelijkheid als de multiculturele samenleving, losgezien van de vraag of er ook van een succes kan worden gesproken.

De pech van de kleinere of nieuwe partijen is dat zij veel minder in de media aan bod komen en daarom ook in de peilingen minder kans maken. Al valt helemaal nog niet uit te sluiten dat bijvoorbeeld 50Plus of de Piratenpartij morgen toch voldoende stemmen vergaren om tot de Tweede Kamer door te dringen.

Een ander nadeel is de indruk die de debatten zouden kunnen wekken dat er maar een stuk of tien Kamerleden toe doen, door de dominante aanwezigheid van de lijsttrekkers. De overige kandidaten voor de 150 zetels doen ongetwijfeld hun best op straat en in zaaltjes, maar zijn maar sporadisch echt in beeld. Zo wacht hen straks het onvermijdelijke, maar ook onrechtvaardige verwijt dat ze hun zetel slechts te danken hebben aan hun partijleider bij wie ze achterop de bagagedrager zaten.

Dominant in deze campagne waren Europa, de economie en de zorg. Dat zijn belangrijke thema’s, waarbij onderwerpen als immigratie en integratie, eerder zo bepalend, ondergesneeuwd raakten. Ook over onderwijs, milieu, buitenlands beleid en andere beleidsterreinen werd weinig publiekelijk gedebatteerd. Dat is jammer, omdat een televisiedebat daardoor te vaak leek op een herhaling van het vorige.