Duurzame stroom diep uit de grond

Geothermische centrales zijn bekend uit het van nature stomende IJsland. Maar ook Nederland is nu rijp voor aardwarmtewinning.

Vier kilometer meter diep onder Friesland is het kokend heet. Zo heet is het dat er voldoende druk mee is op te bouwen om elektriciteit op te wekken: haal het kokend hete water omhoog en sluit er een stoomturbine op aan. IJsland, met zijn geisers, doet het op grote schaal en hoeft daar niet diep voor de boren.

Voor West-Europese landen leek elektriciteit uit aardwarmte nooit rendabel. Maar nu zijn de energieprijzen gestegen en is er behoefte aan duurzame stroom. Dus wordt het wellicht ook in Nederland aantrekkelijk om elektriciteit op te wekken met aardwarmte.

Komende herfst wordt bekend of het bedrijf Transmark Renewables een vergunning krijgt om op 4.000 meter diepte naar aardwarmte te speuren onder grote delen van de provincie Friesland, en in een gebied van Utrecht tot Noord-Brabant. De eerste drie jaar wil het bedrijf aan de oppervlakte onderzoek doen, legt directeur Rogier Pieterse uit. Na het eerste jaar van die periode moet Transmark de helft van het vergunde gebied teruggeven. In het vierde jaar zouden proefboringen volgen.

In 1904 opende in het Toscaanse dorpje Larderello de eerste aardwarmte-‘centrale’ ter wereld. De stoom uit de hete bronnen in de regio dreef een turbine aan en wekte zo elektriciteit op voor wat lampen.

Tot voor kort waren er maar een paar landen die echt profiteerden van aardwarmte om elektriciteit op te wekken. Het vulkanische Italië produceert de hoeveelheid elektriciteit waarmee je een moderne elektriciteitscentrale kan vervangen: circa 800 megawatt, waarvan een groot deel bij Larderello. IJsland heeft voor zo’n 600 megawatt aan aardwarmtecentrales geïnstalleerd. En zo zijn er nog een paar landen, zoals Chili, de VS en Indonesië.

Transmark Renewables is een Amsterdams bedrijf dat in Chili en Turkije aardwarmteputten boort. Het vroeg in maart, als eerste ooit in Nederland, een vergunning aan om onderzoek te doen naar aardwarmte op meer dan 4.000 meter diepte. Hun aanvraag beslaat twee grote gebieden (zie kaartje). Inmiddels hebben twee concurrerende bedrijven zich gemeld – volgens nieuwsbureau Energeia willen zij echter minder diep boren. Het ministerie van EL&I beslist. De begunstigde mag de komende vier jaar onderzoek doen.

„Voor ons gaat het echt om elektriciteit”, zegt woordvoerder Alex Oostendorp van Transmark. „Daarvoor hebben we water van minstens 140 °C nodig. We willen zeker weten of er een plek is waar het water die temperatuur haalt en of er bovengronds ruimte is voor een boorput.”

Voor elektriciteitsopwekking moet het water kokend zijn. Maar ook iets minder heet water (70 à 100 °C) uit diepe boringen krijgt toepassingen in Nederland. Volgens de Stichting Geothermie wordt op negen locaties water opgepompt op 2 tot 3 kilometer diepte, of is zo’n installatie in aanbouw. De warmte verwarmt vooral tuinbouwkassen.