Brieven

Dit is de brievenpagina van NRC Handelsblad. De lezers van de krant zijn van harte uitgenodigd om bij te dragen aan deze pagina. Brieven – graag met een maximale lengte van 250 woorden – kunt u sturen naar opinie@nrc.nl

Kamagurka’s tekeningen zijn zouteloos en onnozel

Eindelijk! De brief van Ad Boes is me uit het hart gegrepen (Opinie, 7 september). Inderdaad ja, weg met die onbeholpen en aanstellerige Kamagurka. Het heeft me altijd verbijsterd waarom NRC Handelsblad deze cartoonist jarenlang op het schild heeft gehesen. Ik heb nooit begrepen wat de kwaliteiten zijn van deze meneer, die steevast hele en halve pagina’s tot zijn beschikking krijgt. Elke keer krijg ik weer kromme tenen als ik die zouteloze en onnozele tekeningetjes met teksten bekijk. Ik heb geen idee wat daar nu de grap (essentie, moraal, pointe, creativiteit, humor) van is.

Misschien kan de redactie dat nog eens uitleggen aan haar lezers?

Margriet Hunfeld

Culemborg

Heerlijk, elke dag weer zo’n venijnig tekeningetje

Beste meneer Boes, hierbij laat ik van mij horen. Elke dag heeft Kamagurka weer een venijnig tekeningetje, dat vaak precies de vinger op de gevoelige plek van iets actueels legt. Geweldig! En elk weekend Bert en soms Bobje om mij op te verheugen. Misschien is het niet de enige reden om de krant te lezen, maar het voegt voor mij zeker iets toe. Gewoon laten tekenen dus, die Kamagurka!

M. van Beukering

Haren

Alleen subtoppers blijven in de wetenschap werken

Een goede collega van me is gestopt met de wetenschap. Dit gebeurt wel vaker, maar voor het eerst kon ik het lezen in NRC Handelsblad (6 september).

De collega was een slachtoffer van Diederik Stapel. Ik zie vaker uitstekende onderzoekers stoppen omdat ze gedemotiveerd zijn geraakt. Sterker nog, ik zie veel vaker uitstekende dan middelmatige onderzoekers vrijwillig stoppen. Die geniale oud-collega’s halen de krant niet. De les die we van deze mensen kunnen leren is evenwel te belangrijk om te negeren: de meest talentvolle onderzoekers raken gedemotiveerd in het bestaande wetenschappelijke klimaat. Wij die overblijven, zijn de subtoppers met een narcistische persoonlijkheidsstoornis.

Newton had ooit eens uitgerekend waarom hemellichamen zich bewegen in ellipsen. Toen hij klaar was, borg hij zijn notities op. Hij wist het antwoord, en daar was het hem om te doen. Pas toen drie mannen gingen wedden wie als eerste kon verklaren waarom hemellichamen zich in een ellips bewegen, dook Newton zijn notities weer eens op om te kunnen helpen.

De Newtoniaanse wetenschapper werkt niet meer aan onze universiteiten. De schreeuwlelijkerds die kennis willen verzamelen om als eerste te roepen dat ze iets hebben ontdekt, wel. Als iemand bij de universiteit hulp komt vragen voor het oplossen van een probleem ligt niet alleen het antwoord niet meer klaar; de persoon die het antwoord kon geven, die werkt er niet meer.

Daniël Lakens

Assistant professor in applied cognitive psychology aan de Eindhoven University of Technology

Die journalistieke formats resulteren in cynisme

In tijden van verkiezingen heeft iedereen het voortdurend over politici, en maar zelden over journalisten. Op televisie worden politici – in de strijd om de kijkcijfers – in een journalistiek format gedwongen waarin ze in enkele seconden moeten uitleggen hoe we in de crisis zijn terechtgekomen en er ook weer uit moeten. Dit format verleidt tot halve waarheden. Daarna roepen andere journalisten die politici weer ter verantwoording of zetten ze hen zelfs voor schut.

Ondertussen gaat het nergens over. Vluchten naar andere massamedia biedt de kijkers ook al geen soelaas. Die volgen de televisie steeds meer op de voet. Zelfs in de kwaliteitskranten wint de vorm het steeds vaker van de vent, de inhoud, de feiten. Het is een show waarin op het oog het polariseren, het elkaar leugens aftappen en het elkaar wantrouwen en voor rotte vis uitmaken centraal staan, maar waar politici en journalisten achteraf, in de coulissen, gezamenlijk en in goede sfeer een pilsje drinken.

Het mag lijken alsof de kiezer heeft geaccepteerd dat het allemaal een vorm van vermaak is, maar de uitkomst ervan zal waarschijnlijk toch dezelfde zijn als die in de Verenigde Staten: dat kijkers en lezers steeds cynischer worden, de samenleving de samenleving laten en zich terugtrekken in eigen kring. Dit is funest voor de democratie.

Paul Ophey

Historicus en docent maatschappijwetenschappen, Nijmegen

De automobilisten letten eindelijk weer op de weg

Het artikel ‘Een stukje 120, stukje 130, stukje 100’ (NRC Handelsblad, 7 september) vraagt om een reactie.

Een autorit op de snelweg is voor de automobilist geen vrijblijvend plezieruitstapje. Ik vind de maatregel om de maximumsnelheid telkens te laten wisselen een prima middel om automobilisten te dwingen hun aandacht bij de weg te houden. De bestuurder heeft zo geen tijd meer om weg te dromen, te telefoneren, te roken, te eten of verhitte discussies te voeren. Nee, hij heeft aandacht voor de weg, de borden, alle spiegels en het dashboard. Dit is precies wat je ooit hebt geleerd bij een goede rij-instructeur, maar wat o zo vaak wordt vergeten en verwaarloosd in de praktijk, met onnodig veel verkeersongelukken tot gevolg.

Willem van Katwijk

Velp

Mag ik nou 130 rijden op die spitsstrook of niet?

Wat moeten we denken van de kortgeleden op vele plekken langs snelwegen opgestelde maximumsnelheidsmededeling „120” met daaronder de tekst „6-19” en dááronder „bij gesloten spitsstrook”?

Volgens mij betekent dit dat je buiten dat tijdsvak en bij een gesloten spitsstrook 130 km/h mag en binnen die tijd bij een open spitsstrook óók 130. Of niet? Dat staat er toch? Of bedoelen ze wat anders? Rij maar naar de rechter als je een boete krijgt. Of is het misschien tijd voor een duidelijker bord?

Jan Dagevos

Vorden

Van Dieren misleidt ons

Het artikel ‘Milieumaatregelen lonen wèl’ van Wouter van Dieren wemelt van de onjuistheden (Opinie, 4 september). Zo verwijst hij naar de Stern Review. Toonaangevende economen hebben dit rapport bekritiseerd. Inmiddels is gebleken dat het niet langer kan worden gebruikt als basis voor klimaatpolitiek.

De bewering dat fossiele energie 545 miljard euro aan subsidie ontvangt, is onwaar. Belastingvoordelen zijn geen subsidie; ook duurzame projecten ontvangen belastingvoordelen. Maar directe subsidie op elke geleverde kilowattuur gaat alleen naar duurzame energie. Dit maakt het erg duur. Bovendien heeft duurzame energie fossiele back-up nodig. In Duitsland, waar twee keer zo veel wind- en zonne-energie wordt geproduceerd als in Nederland, worden 25 kolencentrales bijgebouwd om de problemen in de energievoorziening op te lossen. Zal dat lukken?

Albert Stienstra

Lelystad