Zachte krachten

De zomervakantie is afgelopen, het gewone leven is weer begonnen; school, werk, routine. Een maandag is weer gewoon een maandag, een doordeweekse dag een doordeweekse dag en het weekend een weekend. Zomergasten zit er op, De Wereld Draait Door is sinds gisterenavond weer op de televisie en volgende week verdelen we opnieuw de macht in Den Haag.

Het gaat allemaal min of meer langs mij heen, want ik zit op een plek ver van de beschaafde wereld waar er geen toegang tot internet is, waar ik geen krant kan kopen, geen radio of televisie tot mijn beschikking heb, geen resultaten van Maurice de Hond kan bekijken en geen mensen spreek. Ik verblijf op uitnodiging van het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur in het voormalige werkhuis van de dichteres Henriëtte Roland Holst (1869 - 1952).

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak verbleef Roland Holst in haar werkhuis. Het begin van de oorlog ging compleet langs haar heen, simpelweg omdat zij er niets over hoorde of meekreeg. (Al geloof ik dat veel oorlogen langs wel meer mensen heengaan, daar hoeven ze niet voor afgezonderd te zitten op een heide in Brabant). Het totale gebrek aan informatie en communicatie waarmee ik hier te maken heb werkt zowel verontrustend als bevrijdend. U herkent dit gevoel misschien nog wel van uw vakantie; als je niets weet is er ook niets aan de hand, er is geen enkele reden om je druk te maken.

Alles wat ik hoef te doen is mij overgeven aan de wetten van de natuur en verder: lezen, schrijven en wandelen. Omdat de gemiddelde moderne mens verslaafd is aan informatie en ik (tot mijn grote spijt) een gemiddeld modern mens ben, verdiep ik me hier in plaats van in de actualiteit in de biografie van Henriëtte Roland Holst. Ik lees dat zij degene is die gezegd heeft: “De zachte krachten zullen zeker winnen op het eind.” Een zin die weleens in de mond genomen is door, onder anderen, Femke Halsema.

Ik probeer me de zachte krachten in de Nederlandse politiek voor de geest te halen, maar kan me er geen een herinneren, behalve degenen die onze stem al lang geleden verloren hebben. Gelukkig kan ik vanuit de afzondering doen alsof ik van niets weet en er het beste van hopen.