Jinhua K. krijgt maximale straf voor Facebookmoord

De 15-jarige Jinhua K. uit Capelle aan den IJssel krijgt een jaar jeugddetentie en drie jaar jeugd-tbs, waarvan het laatste jaar voorwaardelijk, voor de moord op Winsie Hau (16). Dat is een jaar jeugddetentie meer dan de eis van twee weken geleden.

Jinhua K. belde aan bij Winsie om haar te vermoorden

Volgens justitie belde K. op 14 januari van dit jaar aan bij de familie Hau in Arnhem. Hij had een mes op zak en was op zoek naar Winsie. Toen ze in de gang voor hem verscheen, begon hij op haar in te steken. Haar vader hoorde gebonk, rende de gang in en zag zijn dochter liggen in een plas bloed. Hij verjoeg K. en werd daarbij gestoken in gezicht en handen. K. vluchtte. De politie vond hem niet veel later besmeurd met bloed in wat bosjes. Hij bekende de moord.

De rechtbank acht bewezen dat K. bewust koos voor de nek van zijn slachtoffer, een kwetsbare plek. Ook de poging tot doodslag op haar vader staat vast.

Moord volgde op ruzie die via Facebook werd uitgevochten

K. zou door Polly W. (toen 15) en haar vriendje Wesley C. (18) zijn ingehuurd om de moord te plegen. Polly en Winsie waren goede vriendinnen, maar in december kregen ze ruzie op een feestje. Winsie klapte op Facebook uit de school over de seksuele escapades van Polly en die werd daar zo woedend over dat ze tegen haar vriendje zei dat Winsie dood moest. Wesley vroeg toen stapvriend K. de moord te plegen.

Of K. betaald is voor de moord, is niet met zekerheid te zeggen. Getuigen zeggen dat dat het geval is, maar het bedrag dat ze noemen varieert van vijftig tot duizend euro. Op 20 augustus zei K. in de rechtbank dat er nooit over geld is gesproken en dat het stel hem bedreigde.

Zaak tegen Polly en Wesley uitgesteld

De zaak tegen Polly en Wesley, die terechtstaan voor uitlokking van de moord, is uitgesteld tot eind oktober omdat er nog getuigen moeten worden gehoord.

De rechtbank in Arnhem heeft de zaak tegen K. bij uitzondering niet achter gesloten deuren behandeld, omdat het belang van openbaarheid volgens de rechtbank in dit geval prevaleerde boven zijn privacy.

    • Peter Zantingh