Zoon: 'Alles kwam op mij neer'

Arno van Blitterswijk runt samen met zijn vrouw Vera verkeersschool Philippo in Den Haag. Zijn moeder Eva van Blitterswijk vervangt haar schoondochter op zaterdagen achter de balie.

Arno van Blitterswijk (47), getrouwd. Twee zoons (20 en 17) uit een eerdere relatie. Sinds 1996 eigenaar van de in 1983 door zijn ouders opgerichte verkeersschool Philippo.

„Eerst speelde ik met autootjes op de bedrijfsvloer, later waste ik de lesauto’s. Mijn opa repareerde de auto’s, mijn vader gaf rijlessen, mijn moeder deed de administratie. Ik ben opgegroeid in de zaak. Het voelde vanzelfsprekend dat ik er ging werken.

„Als zoontje van de baas wil je geen lagere slagingspercentages halen dan de andere instructeurs. Ik wilde mezelf waarmaken. Bewijzen dat ik er wel wat voor moest doen. Ik kreeg bewust de moeilijkere gevallen: het is harder werken met een leerling van 60 dan met iemand van 18.

„Ik was 30 toen mijn vader overleed. Een hartstilstand. Ineens kwam alles op mij neer, want mijn moeder was uitgeschakeld. Na een jaar pakte ze langzaam weer werk op. Ze wou mij niet in de steek laten. Zes jaar geleden nam mijn vrouw Vera de administratie van mijn moeder over. Maar op zaterdagen, tijdens vakanties, altijd als we haar nodig hebben, valt mijn moeder in. Op die dagen is het hier net een koffietent.

„In het begin heb ik me wel afgevraagd of het goed was voor mijn relatie met Vera om zo op elkaars lip te zitten. Ik moest er ook aan wennen – mijn moeder en ik hoeven elkaar maar aan te kijken en we begrijpen elkaar. Vera is zakelijker en harder naar het personeel toe. Ik vind dat niet altijd leuk. Als er iets niet goed gaat, wil Vera het gelijk oplossen. Terwijl ik er liever eerst rustig over nadenk. Daar hebben we wel strijd over gehad.

„Op zaterdag helpen mijn zoons hun oma achter de balie. Ze ontwerpen stickers en beletteren de auto’s – ze zitten op het grafisch lyceum. Het zou leuk als een van de kinderen de zaak overneemt, maar ik ga ze niet pushen. Want een bedrijf is ook een zorg. En je moet veel uren maken om wat geld over te houden.”

    • Anne Dohmen