Mistig zelfbeeld Nederland frustreert zinvol Europa-debat

Het zou over Europa gaan. En wel keihard. Dat had Geert beloofd. En wat krijgen we? Weer koopkrachtverkiezingen. Nederland naar de stembus: spannende race tussen voor- en tegenstanders van scootmobiel in basispakket zorgverzekering.

Waarom komt het er niet van? Wilders roept trouw zijn eurobelediging van de dag maar niemand hapt. De eurocrisis speelt geen rol op de tv-avondjes vliegenvangen aangeduid als lijsttrekkersdebatten. Wij hebben belangrijker zaken aan het hoofd: de CPB-cijfers. Lekker concreet, en heel nauwkeurig. Ha, 0,3 procent in 2017!

Soms wordt het debat bijna moreel: bezuinigen op bejaarden, Geert spreekt er schande van. Emile steunt hem niet te opzichtig. Alexander poetst het weg: wat wil je, wachtlijsten of betaalbare zorg voor iedereen? Geen weldenkend mens kan daar tegen zijn. Ook dat debat dood en begraven voordat het begonnen is. Met normen en waarden is het niks geworden. Hadden we het CDA nog maar.

Niemand durft het kennelijk aan hardop te zeggen: beste mensen, we hebben jaren gehad dat u mocht stemmen op de partij die hoorde bij uw kerk, vakbond en korfbalclub, daarna mocht u een paar verkiezingen lang wat dollen om uw persoonlijke vrijheid te verkennen, maar nu staat de wereld in de fik, zullen we het een keer hebben over echte vraagstukken?

Ja, Marianne Thieme en Jolande Spa zien de hele wereld en willen em redden, maar zij hebben te weinig virtuele zetels om vaak dichtbij de microfoon te mogen staan. D66, GroenLinks en PvdA willen Europa vervolmaken, maar zij krijgen in de spelletjescultuur op tv amper tijd om dat uit te tekenen. Tussen meedoen met het format van de dag en eisen dat zij hun visie samenhangend mogen uitleggen, kiezen zij vaak pragmatisch. Alleen Diederik Samsom krijgt zijn Europaverhaal binnen 15 seconden eruit.

Zonder stevig Europees debat zijn er in het gemiddelde van de peilingen van dit moment ruim 80 zetels die niets tot weinig van Europa moeten hebben. De programma’s van SP en PVV zijn daar duidelijk over. De VVD ook, behalve dat Mark Rutte als het er op aan kwam de afgelopen twee jaar Merkel steunde en toch meedeed aan garantiepakketten voor de zuidelijke zondaars, geld dat niet snel weer naar het noorden stroomt. Maar hem een ‘Eurolover’ noemen, zoals Wilders deed, is alleen retorisch terzake. Een meerderheid keert zich af van Europa op schimmige gronden. Gewoon tegen. Of halftegen.

Op de dag van onze Tweede Kamer-verkiezingen geeft het Duitse Constitutionele Hof groen of rood licht voor de steun van Berlijn aan de Europese noodfondsen. Als op 13 september de financiële markten op tilt slaan, komt dat waarschijnlijk niet door de nipte overwinning van Emile Roemer of de moeizame vooruitzichten van de kabinetsformatie in Nederland.

Met andere woorden: op 12 september kiest u de managers van de volgende crisis in de slepende Europese – en financiële crisis. Althans aan de Nederlandse kant. De mensen die straks in het weekeinde aan de lijn hangen met Berlijn, Parijs, Frankfurt en Brussel. Dan wordt bepaald of Griekenland erin blijft, of Italië en Spanje blijven drijven, of de euro zwemt of zinkt.

Dan moet blijken of die beslissingen zodanig overtuigend worden  uitgelegd dat chaos en volkswoede in toom blijven. Geen leuk onderwerp voor de kijkers van Koffie met de Kandidaat, maar wel relevanter dan een schimmengevecht over een procent minder hypotheekrenteaftrek in 2028. Waarom mijdt de meerderheid het geven van een zo getrouw mogelijk beeld van wat er op het spel staat? Dit jaar.

Geert Wilders is duidelijk, dat moet je hem nageven. Eruit, Zwitserland en Noorwegen achterna. Hij vergat zijn euro-exit bij het CPB in te leveren. Dus we weten niet wat het allemaal gaat kosten. Maar de grote lijn van zijn betoog is helder.

Bij de eurosceptische SP is dat aanzienlijk minder duidelijk, bij de nja-geneigde VVD nog minder. De ChristenUnie wil graag een debat over Europa. En heeft dat recent gevoed met behoorlijk afkerige standpunten. Maar ook die partij heeft niets af te dwingen in de drukke arena van drie weken televisie.

Er zijn natuurlijk ook goede redenen om maar niet over Europa te praten. Te ingewikkeld voor 20 seconden tv-spreekrechten. Nederland heeft als 1/27ste aandeelhouder in de Unie zo weinig invloed dat het bijna misleidend is om pan-Europese vergezichten  te ontvouwen. Maar het is een grootscheepse ontkenning van ons recht, eigenlijk onze plicht om over ons eigen lot mee te beschikken. Wie die soevereiniteit zo ter harte gaat moet extra z’n best doen van wat ons resteert iets zinnigs te maken.

De echte oorzaak van het fragmentarische, meestal niet-bestaande debat over Europa is dat we niet weten wat we aanmoeten met de Nederlandse democratie. De verhouding burger-overheid is er een van over en weer roepen en veronderstellen, steeds minder gebaseerd op een afgesproken staatsinrichting. De wet is ook maar een mening, en bovendien achterhaald.

En dus verklaren partijen zich tegen overdracht van soevereiniteit. Voor nationale veiligheid. Tegen meer geld naar Brussel. Terwijl onze rechtsstaat op Europese grondslag rust, en voor een flink deel wordt gegarandeerd door de Europese rechter. Terwijl er nog  amper sprake is van Nederlands geld – het stroomt vrijelijk in en uit bedrijven die misschien in Amsterdam zijn gevestigd. Terwijl boeven en buitenlui op wereldschaal opereren.

Wordt wakker. Bespreek de werkelijkheid. Het kan nog vóór 12 september. En neem dan ook defensie mee. Stiekem nog een miljardje eraf pikken en hoog opgeven over het belang van onze grenzen en onze nationale veiligheid wordt langzamerhand verwijtbaar doorzichtig. Dit ooit internationaal georiënteerde land moet zichzelf bij de lurven pakken. Al  doende  kunnen we het ook over Nederland hebben.