Snikkend in een hoekje

De peilingen hanteren zo’n ruime foutmarge dat elke verschuiving die ze signaleren statistisch irrelevant is. Ze verschillen onderling aanzienlijk van elkaar en ze hebben in het verleden de verkiezingsuitslag nog nooit correct voorspeld.

Desondanks wordt hun wekelijkse bekendmaking sidderend en bevend tegemoet gezien als een goddelijke openbaring. Voor de politici zijn zij het allerbelangrijkste thema, het enige doel waarvoor zij strijden, de kern van hun bestaan. De hoogste vorm van politieke journalistiek is politici te laten reageren op hun eigen peilingen. En die politici wachten met angst en beven af welke invloed die reactie zal hebben op de volgende peiling. Deze verkiezingen gaan niet over Europa, niet over de overheidsfinanciën, niet over de toekomst van Nederland. Zij gaan maar over één ding. Over de peilingen.

Het jongste slachtoffer van de peilingen is Emile Roemer. Eén van de opiniepeilers meet een terugval van acht zetels na zijn teleurstellende optreden tijdens het eerste televisiedebat waaraan hij deelnam.

Met een foutmarge van een zeteltje of vijf en een totaal ander beeld bij het andere bureau heeft hij alle redenen om zijn schouders op te halen, maar het tegendeel is het geval. De pure paniek heeft toegeslagen. „Daar schrik ik van”, zei hij als eerste reactie. Hij trekt het boetekleed aan. „Misschien ben ik te aardig gebleven. De komende tijd moet ik toch duidelijker maken waar we voor staan. Ik was uit het veld geslagen.”

En vervolgens belt hij twee verslaggevers van De Telegraaf om het allemaal nog eens uit te leggen. Die krant is de vijand en die journalisten lustten hem rauw. Ze herinnerden hem eraan dat campagnes hard kunnen zijn. Roemer bekende dat hij daar niet zo van houdt. „Of bent u een beetje naïef?” vroegen ze. „Misschien ligt dat dicht bij elkaar”, konden ze handenwrijvend als antwoord uit zijn mond optekenen.

De man die zichzelf beschouwt als de volgende premier van Nederland zit na één tegenvallende peiling snikkend in een hoekje als een klein jongetje wiens bal is afgepakt door de gemene, grote jongens. Hij is gewoon te aardig, dat is zijn probleem. En misschien ook een beetje naïef. Voorwaar: een echte leider.