'Lezers willen weten wie stuk in hun krant schrijft'

Het nieuwe zaterdagkatern van de Volkskrant bevat opinie en achtergrond, soms in één artikel. Chef Kustaw Bessems vreest de mix niet, en wil zichtbare journalisten.

Vonk heet het nieuwe zaterdagkatern van de Volkskrant dat vanaf morgen bij de krant zit. Net als het illegale tijdschrift dat Lenin in 1903 van Zwitserland naar Sint-Petersburg liet smokkelen. De naam is geen hommage, maar wel toepasselijk. „Uit de vonk zal de vlam oplaaien, is geloof ik de revolutionaire leus”, zegt Kustaw Bessems (35), chef van het katern.

Bessems stapte dit voorjaar over naar de Volkskrant nadat hij vanaf het begin betrokken was bij dagblad De Pers, als politiek verslaggever en columnist. De Pers, dit voorjaar als papieren dagblad gestopt, stond erom bekend het mengen van nieuws en opinie in artikelen niet te schuwen. Zeker Bessems was daar niet bang voor. Het artikel waarmee hij dit jaar werd genomineerd voor De Tegel voor beste achtergrondverhaal, was een zeer persoonlijk betoog over het toestaan van holocaustontkenning.

Vonk wordt een katern voor opinie en achtergrond. Moeten die twee niet gescheiden blijven?

„Ik vind van niet. Je wilt een verhaal vertellen en je kijkt per onderwerp wat daarvoor de beste manier is. Soms is een pure reportage zo sprekend dat die alles zegt. Aan de andere kant van het spectrum staat een puur opiniestuk. Al moet zo’n verhaal van mij altijd gebaseerd zijn op goed uitzoekwerk, niet alleen op ‘en dit vond ik ervan’. We zullen niet met tien vlaggen aangeven: ‘pas op, u staat nu op het punt een opiniestuk te betreden’. Op dat punt ben ik zeker beïnvloed door mijn tijd bij De Pers.”

Het katern wil een gids in de chaos zijn, uitzoeken hoe zaken écht in elkaar zitten. Dat moet toch de ambitie van de hele krant zijn?

„Ja, en van alle media. Maar die ambitie wordt vaak niet waargemaakt. Ik vind dat de lezer vaak aan zijn lot wordt overgelaten, dat de auteur te weinig conclusies trekt. Dan wordt de ene partij in een artikel aan het woord gelaten en dan de andere, zonder synthese. Ik denk dat alle media zich daar meer op zouden moeten richten, maar kranten in de eerste plaats. Je moet niet bang zijn als auteur aanwezig te zijn in een stuk.”

De journalist als persoonlijkheid? U treedt graag naar buiten.

„Ik denk dat mensen het prettig vinden om te weten van wie ze iets lezen. Zonder dat je je privéleven op Twitter hoeft te gooien, is het belangrijk om daar aanspreekbaar te zijn. Voor mij is het heel gewoon om daar te reageren op kritiek, of mijn mening te geven.”

Er zijn niet al te veel meningen?

„Nee. Er zijn er veel, maar de meeste zijn stomme.”

Voor redacteuren zal het wennen zijn, hun mening in een stuk verwerken.

„Sommigen zullen zeker huiverig zijn, omdat ze bang zijn dat een opvatting hun verslaggeverswerk in de weg staat. Mij kan het niets schelen als ze beide doen.”

Vonk krijgt een rubriek over het functioneren van de media. Is dat niet vooral interessant voor de media zelf?

„Op Twitter merk ik dat de lezer daar ook op zit te wachten. Denk ook aan de populariteit van de boeken van Joris Luyendijk. Veel lezers zijn onderhand heel media savvy, we hoeven niet bij het begin te beginnen. We willen laten zien hoe het nieuws tot stand komt en daar als het moet verantwoording over afleggen.”