In de ban van de patentenoorlog

Op de Berlijnse elektronicabeurs IFA is het gesprek van de dag de juridische strijd tussen de technologiegiganten Apple en Samsung.

Berlijn. Innovate! Create! Het waren de gebruikelijke marketingkreten waarmee elektronicafabrikant Samsung deze week zijn nieuwe smartphones presenteerde. De ogen van de technologie-industrie zijn gericht op het Zuid-Koreaanse bedrijf, dat vorige week een boete kreeg van 1,05 miljard dollar (840 miljoen euro). Samsung hangt een Amerikaans verkoopverbod boven het hoofd voor acht toestellen – de meest ingrijpende beslissing die een rechter tot nu toe nam in de slepende patentenoorlog.

Concurrent Apple beschuldigt Samsung ervan dat het juist niet innovatief en creatief is, maar patenten gebruikt van de iPhone. De Amerikaanse jury oordeelde dat Samsung in zijn smartphones essentiële onderdelen in de bediening heeft gekopieerd. Het gevolg: de aandelen van Samsung en andere telefoonfabrikanten die besturingssysteem Android gebruiken, kelderden.

Bij Samsung is de rechtszaak als een mokerslag aangekomen, al blijven hun nieuwste producten buiten schot. „Zuid-Koreanen zouden het niet in hun hoofd halen een klant op die manier aan te vallen”, zeggen bronnen binnen het bedrijf.

Tijdens de presentatie deze zeek stipte J.K. Shin van Samsung Mobile de patentenoorlog aan als „een hindernis”. Maar alle aandacht ging verder uit naar Galaxy Note II; een kruising tussen een telefoon en een tablet die zich met een pennetje laat bedienen. Dat is een gadgetcategorie waarin Samsung meer afwijkt van Apple.

Samsung eindigde met een ode aan Windows 8, het besturingssysteem dat Microsoft ontwierp als antwoord op de iPad van Apple.

Windows is een mogelijke uitvlucht voor andere telefoonfabrikanten die Android gebruiken. Daarvan profiteert het Microsoft/Nokia consortium, dat tot nu toe een bescheiden aandeel heeft in de snel groeiende smartphonemarkt. Er worden dit jaar ruim 400 miljoen smartphones verkocht. Bijna 70 procent draait op Android, iPhone heeft 20 procent.

Waarom bijt Apple zich zo stevig vast in de patentenoorlog en maakte het niet – net als Microsoft – meteen licentieafspraken met fabrikanten die Android gebruiken? Daarvoor moeten we terug in de geschiedenis.

Apple heeft traumatische herinneringen aan de vorige grote patentenstrijd die het voerde, meer dan twintig jaar geleden. In de jaren tachtig maakte Apple de computer toegankelijk door een grafische bediening – met bureaublad, vensters, muis – te introduceren. De Apple Macintosh (1984) werkte eenvoudiger dan andere pc’s; die konden alleen met bediend worden door codes in te tikken. In 1988 sleepte Apple concurrent Microsoft voor de rechter, toen Windows 2.0 belangrijke kenmerken van de Macintosh overnam. De strijd ging onder meer over het type iconen en de manier waarop de computervensters over elkaar werden gelegd.

Apple verloor omdat het zijn patenten niet goed voor elkaar had. Steve Jobs had in de jaren zeventig ‘inspiratie’ opgedaan bij het onderzoeksinstituut van Xerox. Apple had bovendien al elementen aan Microsoft gelicentieerd. De rechter verwierp de aanklacht in 1994, Windows werd marktleider en Apple raakte aan de afgrond, totdat Steve Jobs in 1997 zijn comeback maakte.

Terug naar 2012, vijf jaar na de introductie van de iPhone. Ook nu gaat de patentenstrijd om bedieningsgemak. De iPhone was revolutionair vanwege de multitouch-bediening die massaal is overgenomen door concurrenten – soms domweg gekopieerd, soms licht aangepast. Maar Apple heeft geleerd. Apple legde software, bediening, zelfs de verpakking, tot in het kleinste detail vast.

Apple heeft de miljardenboete, waartegen Samsung nog in beroep gaat, niet nodig. Het bedrijf verdient geld als water. Ook heeft het weinig zin om een verkoopverbod te vragen voor apparaten die amper meer verkocht worden (de rechtszaak gaat over oudere Samsung-telefoons). Maar de uitspraak van vorige week is wel een stok achter de deur om uiteindelijk per telefoon tientallen dollars aan licenties op te strijken.

De patentenoorlog duurt al bijna twee jaar. Een definitieve overeenkomst kan nog lang op zich laten wachten, leert de geschiedenis. Apple versus Microsoft begon in 1988 en werd pas in 1997 echt beklonken. Toen investeerde Microsoft 150 miljoen dollar in Apple om het vrijwel failliete bedrijf er bovenop te helpen. Apple is nu – dankzij de winstgevende iPhone – het meest waardevolle bedrijf in de geschiedenis van de Amerikaanse beurs. Het vorige record stond op naam van Microsoft.