EU blijft zo ouderwets

Als Europa zo ondoorzichtig door sukkelt, valt het door gebrek aan legitimiteit uit elkaar. De EU kan niet in de jaren vijftig blijven, vindt Sophie in ’t Veld.

De afgelopen twee jaar is veel gebeurd om het financieel-economische systeem van Europa te verstevigen. Maar de besluiten worden nog steeds genomen volgens de ondoorzichtige methode uit de jaren vijftig: door politici en diplomaten achter gesloten deuren. Dat is precies waar mensen de buik van vol hebben.

Het lukt de 27 Europese leiders maar niet slagvaardig te reageren. De EU verkeert in een diepe politieke crisis en verliest steun van haar burgers. We staan voor een keuze. Grijpen we de crisis aan om Europa te moderniseren en klaar te maken voor de 21e eeuw? Of blijven we hangen in het ondoorzichtige Europa dat door gebrek aan democratische legitimiteit uiteen kan vallen?

De Europese integratie begon in de jaren vijftig als diplomatiek project, een unie van staten. Maar ook toen al zei founding father Robert Schumann: we verenigen mensen, geen staten.

Ten tijde van het Verdrag van Rome in 1957 maakte Europa 20 procent uit van een wereldbevolking van 2,5 miljard. Er was nog geen Berlijnse muur. In Nederland belden we met bakelieten telefoons en had slechts één op de zes families een auto. Vrouwen werden pas in 1956 handelingsbekwaam, de AOW kwam in 1957, de katholieke kerk verbood lidmaatschap van de VARA. De wereld is sindsdien onherkenbaar veranderd, maar de instellingen van de Europese Unie bleven in essentie ongewijzigd. De enige grote vernieuwing was de rechtstreekse verkiezing van het Europees Parlement.

De politieke crisis legt genadeloos bloot dat de instellingen uit de jaren vijftig niet meer voldoen voor het bestuur van een continent in de 21e eeuw. Ging Europese integratie in de jaren vijftig vooral over de verhouding tussen Europese landen onderling, anno 2012 gaat het om de verhouding van Europa met de wereld. Nieuwe technologieën hebben diepgaande en onomkeerbare gevolgen voor de maatschappelijke, economische en bestuurlijke verhoudingen. De opkomst van landen als China en India leiden tot tektonische verschuivingen in de geopolitieke verhoudingen en maken een eind aan de vanzelfsprekende hegemonie van de VS en Europa. Zoals de smartphone de bakelieten telefoon heeft opgevolgd, moet ook het bestuur van Europa radicaal worden hervormd en aangepast aan de moderne tijd.

Het antwoord van de PVV is: stap uit de EU en kies voor isolement. Ook partijen als VVD en SP beschimpen de EU , wijzen dubbelhartig elke hervorming af, en houden vast aan de falende status quo. De democratische crisis van Europa is minstens zo diep en urgent als de economische en financiële crises. Politici als Wilders, maar ook Rutte en Roemer doen alsof er een pauzeknop op de wereld zit, alsof we stil kunnen blijven staan in de idyllische jaren vijftig. Een goedkoop verhaal, en schadelijk voor de Nederlandse belangen.

Rutte en Roemer zeggen stoer dat ze geen macht afstaan aan Brussel, maar vertellen hun kiezers sprookjes. De macht ligt allang bij de financiële markten, bij Merkollande en in Washington. Niet in Den Haag. De keuze is niet méér of minder Europa. De keuze is: het Europa van ondoorzichtige diplomatieke onderhandelingen óf een bestuur dat Europa en Nederland vooruit helpt, een politieke unie waarbij de burger rechtstreeks het Europese bestuur kiest, aanstuurt en controleert.

Om mee te komen op het wereldtoneel, om de afzetmarkt voor onze ondernemers, onze energie en grondstoffen, onze welvaart en grondrechten te beschermen, hebben we een sterk en daadkrachtig Europa nodig. Ieder jaar verdienen Nederlanders een maandsalaris aan de Europese interne markt. Dankzij de euro komt daar nog eens een weeksalaris per jaar bij. Onze export naar Italië levert meer op dan de uitvoer naar Brazilië, Rusland, India en China bij elkaar. Willen we een nieuwe financiële crisis voorkomen, dan moeten we onze krachten in Europa bundelen.

Dat kan alleen met een democratisch Europa waarin mensen zich herkennen. In plaats van onderonsjes van regeringsleiders moeten democratische Europese verkiezingen de samenstelling van de Europese Commissie bepalen. Eurocommissarissen moeten meer bevoegdheden krijgen en het Europees Parlement moet individuele commissarissen naar huis kunnen sturen. We moeten af van de 27 verlammende veto’s en de bijbehorende koehandel. Europese burgers verdienen volwaardige openbaarheid van bestuur en het recht hun bestuurders te controleren. De EU moet met één mond spreken in de wereldpolitiek. En burgers krijgen via nieuwe media een rechtstreekse stem in het Europese beleid.

Europa verkeert in crisis, maar we zijn nog steeds het continent met de hoogste kwaliteit van leven ter wereld. Met een sterk Europa kunnen we in een veranderende wereld onze kansen grijpen.

Sophie in 't Veld (D66) is lid van het Europese Parlement. Maandag om 20:00 uur neemt zij in de Unie in Rotterdam deel aan het debat met Karel de Gucht en Paul Scheffer die morgen schrijven in de opiniebijlage ‘Wat is Europa u waard?’.