Paul Ryan bijt, vecht en huilt

Paul Ryan, kandidaat voor het vicepresidentschap in de VS, toonde zich vannacht de aanvalsleider tegen Obama. Maar Condi Rice won harten.

Sprekende over zijn moeder, weduwe en ondernemer, welde bij Paul Ryan een traan op. Hij is sinds vannacht running mate van Mitt Romney. Foto Reuters

Paul Ryan is een goede spreker, maar de verwachtingen voor de acceptatiespeech van de running mate van de Republikeinse presidentskandidaat Mitt Romney leken iets te hooggespannen. Ryan liet in een bijtende toespraak zien dat hij de attack dog naast Romney is. Om hem moet Obama zich zorgen maken. Maar het duurde tot de laatste minuten van zijn toespraak voordat hij de zaal helemaal mee kreeg.

De 42-jarige Afgevaardigde is al jong een conservatieve leider geworden. Diep religieus, met een stevig anti-overheidsverhaal en een plan, het ‘Ryan Budget’, dat diep snijdt in publieke uitgaven, vooral de zorg. Hij is het type dat in kleine zaaltjes een flip-over pakt en college geeft. Hij heeft van zijn inspirator, schrijfster Ayn Rand, geleerd dat het najagen van het eigenbelang voorop moet staan, omdat dat het individu en de samenleving ten goede komt. Maar daarover is Ryan spraakzamer in kleinere gezelschappen.

Op het immense podium van de Republikeinse conventie in Tampa oogde Ryan, het haar glimmend van de gel en worstelend met een kikker in de keel, opeens niet als jonge leider – hij was alleen maar jong.

Ryan schetste geen vergezichten, maar hield het klein. Hij vertelde over zijn moeder, die als 50-jarige weduwe een bedrijfje begon en zo haar eigenwaarde terugvond. In een simpele zin gaf hij de boodschap waarmee hij Obama aldoor zal aanvallen: „We moeten ophouden met het uitgeven van geld dat we niet hebben.”

Obama (in zijn nieuwe zorgstelsel) en Ryan (in zijn Ryan Budget) willen allebei bezuinigen op zorg voor ouderen, maar alleen Ryan kan zorg blijven garanderen, zei hij. Hij bezuinigt om zorg betaalbaar te houden, Obama omdat hij steeds geld tekort komt. Zo is Ryan in vorm: met ietwat karikaturale oneliners, de wereld netjes verdeeld in links en rechts.

Eerder op de conventie was er een incident rond een Republikeinse conventieganger die nootjes gooide naar een zwarte cameravrouw van CNN („Dit is hoe wij dieren voeren!”) Nu was de verrassing van de avond Condoleezza Rice, de – zwarte – minister van Buitenlandse Zaken onder George W. Bush.

De zaal was gek op Rice, en scandeerde onafgebroken ‘Condi!’ Sprekend over zichzelf in de derde persoon, flirtte zij zelfs met een gooi naar het presidentschap. „Een kleine meid in een gesegregeerde stad in het zuiden, waar haar ouders haar niet naar de film of een restaurant kunnen brengen. Maar waar ze haar wel overtuigen dat ze president van Amerika kan worden, als ze dat wil.”

Rice bood, met een kort filmpje waarin Bush met zijn vader optrad, als eerste iets van een terugblik op de jaren tussen 2001 en 2008, de laatste onder een Republikeinse president. Zonder ‘Irak’, ‘Afghanistan’ of ‘Bush’ te noemen overigens. Slechts eenmaal had ze het over ‘de Bush-regering’.

Haar milde kritiek op Obama was een stijlbreuk met andere sprekers, maar door haar bescheiden afkomst te onderstrepen deed ze wat iedere Republikeinse spreker deze conventie doet. Iedereen is arm geboren en iedereen werkte zich, keurig volgens the American Dream, op naar succes. Op eigen kracht. ‘We built it’.