Ik vond kiezen en scherven

Deze krant vraagt kandidaat-Kamerleden wat hun droombaan is.

beeld Merlijn Doomernik

Met dank aan Bureau Monumenten & Archeologie Amsterdam

‘Ik denk dat ik een jaar of acht was toen ik voor het eerst dacht: ik wil archeoloog worden. Wij woonden in een oude boerderij met een grote tuin in de Betuwe. Ik groef gaten, en kwam daar allemaal mooie dingen tegen: oude versierde pijpenkoppen, koeienkiezen, scherven, botjes.

Mijn vader las ons vaak Griekse legenden voor. Misschien omdat hij een klassieke opleiding had gekregen op het seminarie. Ik vond dat ontzettend interessant.

Ik kan mij herinneren dat ik op een dag in de tuin stond en besefte: op deze plek hebben ook andere mensen gestaan en geleefd, een pijp gerookt. Wij bestaan maar een kort moment in de tijd.

Soms komt het weer op. Ik was op vakantie in Portugal, daar bezochten we een opgraving met Romeinse villa’s. Dan gebeurt het weer. Ik zie een stapel stenen, en in mijn hoofd ontstaat een smal steegje, met grof gebouwde huizen naast luxe villa’s. Ik zie alle rangen en standen door elkaar heen leven.

Ik heb er lang over nagedacht archeologie te gaan studeren. Uiteindelijk deed ik het niet. Het was niet bewust, maar als ik terugkijk besloot ik toen waarschijnlijk dat ik mij met het heden wil bezighouden, niet met het verleden.”