Ik kijk naar deze en ik mis de gorilla King Lear

Koning Lear is een etterbak. Hij wordt een demente etterbak. Zo pakt het gezelschap Het Toneel Speelt het duistere stuk van Shakespeare aan. Het verhaal is bekend. Lear geeft alles aan zijn twee rotdochters. Zijn lievelingskind krijgt niks. Iedereen gaat ten onder en de koning vreet zich op van spijt.

Waarom gebeurt zoiets, waarom doet iemand zo? Dat mysterie gooiden ze weg bij Het Toneel Speelt. Twee van de Lear-dochters lijken op hun vader, net zo hypocriet en wreed. De derde, Cordelia, lijkt wel een vondeling, met die eerlijkheid van d’r. Haar trapt de koning uit het nest. Logisch, maar wat moet je ermee?

Ik kijk naar deze King Lear en ik mis de gorilla. In de fabuleuze documentaire The Story of Film (over een week in het Amsterdamse Eye) wordt verteld hoe op Hollywood-filmsets soms een, liefst beschonken, buitenstaander werd betaald voor instant-scenario-ideeën. Zou het waar zijn? Ik had er nog nooit van gehoord. Maar het is wel een geschikte methode, het maakt los wat vastzit. Voor Swiss Miss van Laurel & Hardy zou zo’n malloot de opkomst van een gorilla gesuggereerd hebben, beweert The Story of Film. Dat sloeg nergens op. Het verhaaltje speelde zich af in de Alpen en er werd een piano verhuisd, over een touwbrug. Leuk, laat piano’s verslepen maar over aan Stan en Ollie. Maar dat wist iedereen al. Die verdwaalde gorilla gaf de film vleugels.

Er is deze herfst veel Shakespeare in de Nederlandse theaters. Lear dus en allerlei reprises, Macbeth, Midzomernachtdroom, Othello, Het temmen van de feeks. Nieuw is Veel gedoe om niks, in Utrecht. Daar willen ze dat je deel wordt van het feest waar het stuk over gaat. Het publiek kan in de zaal drinken en sjansen, net als de personages. Ik kies laf voor een plek op het balkon, met uitzicht op de ijdelheden daar beneden – als ik mee wilde doen was ik wel acteur geworden. De gorilla? Dat is Arthur Japin. Bestsellerauteur, maar in dit stuk waart hij rond in een bijrol, in giftig zwart, hij is het kwaad. Zijn verschijning houdt je bij de les.

Waarom al die Shakespeares? Och, het zijn onzekere tijden. Het toneel moet zijn bestaansrecht bewijzen, doet dat met geheid repertoire en dan spannen Shakespeares stukken de kroon. Er is altijd publiek voor ‘de Lear’ of ‘de Feeks’. Wat Shakespeare schreef in de 16de eeuw blijft aanslaan. Hij had ons allemaal door, tot in de eeuwigheid, amen.

Shakespeare is als de Bijbel: laat ’m openvallen en je treft iets van je gading. Wacht, ik probeer het even. Mijn oude Burgersdijkvertaling, deel I. Plof. Pagina 311. Romeo en Julia. Julia verzucht: ‘ ’k Heb zin te zien,of ’t zien mij zin kan geven.’

De lust om iets te zien. Check! Daar gaat het mij om, altijd. En ja, ook om het willen weten hoe die lust in elkaar steekt, de bedoeling van het zien. Shakespeare trof weer doel (en echt, ik speelde niet vals).

Zonder dat ik het zocht, zie ik in een andere zaal Shakespeares verzen wéér dienstdoen als een sprankelende vorm van Esperanto. In de bioscoop, in de film A Royal Affair.

Achttiende eeuw. Pruiken en kuitbroeken. IJshelder Scandinavisch licht. De zeventienjarige koning Christiaan VII, kierewiet volgens de geschiedenisboeken, ontmoet zijn nieuwe lijfarts. Geeneens een edelman en ook nog eens een Duitser. De koning bestookt de verlegen arts met vreemde uitspraken. De arts geeft even vreemde antwoorden. Hoewel, vreemd? Ze converseren in citaten van Shakespeare. Goed volk, weet de koning nu. De arts, aanhanger van de Verlichting, zegt: „Er is iets goed mis in de staat Denem…”. De koning onderbreekt hem, dat citaat wil hij niet horen.

De film spreekt het niet uit maar het lijkt erop dat Shakespeares verzameld werk voor de koning openviel bij de tragedie van Hamlet, net als hij een Deense prins. Tweede bedrijf, tweede scène: ‘Though this be madness, yet there is method in’t’ – er zit lijn in zijn gekte. Is de koning echt gestoord? Of leerde hij van Hamlet om in waanzin dekking te zoeken, en verloor hij de controle?

Zijn of niet zijn. In de lijn van Shakespeare doen de arts en de koning dingen die ze niet zouden moeten doen, maar die toch gebeuren. Tegen beter weten in, omdat de mens is zoals hij is. Klein en onbezonnen. Verzot op liefde, doodsbang voor eenzaamheid.