Geef eurolanden optie uit te treden

Landen in de eurozone die de concurrentie niet aankunnen, en ook niet bereid of in staat zijn tot hervormingen, moeten voor uittreding kunnen kiezen. Of eruit kunnen worden gezet. Anders blijft de crisis door etteren, stelt Hans van Baalen.

Lang was het adagium van Brussel: Ever Closer Union. Dat betekende dat de Europese Unie zich uiteindelijk tot een bondsstaat naar het voorbeeld van de Verenigde Staten of de Bondsrepubliek Duitsland zou moeten ontwikkelen. Aan het einde van de rit zouden alle lidstaten van de EU ook de euro moeten invoeren. One Size Fits All. Alleen Groot-Brittannië bedong een opt-out. In de Brusselse glaspaleizen werd daarover schande gesproken. Nu blijkt hoe slecht die keuze is geweest.

Landen als Griekenland zouden met hun drachme nooit zoveel schulden hebben kunnen maken. Zij zouden simpelweg niet, of alleen tegen zeer hoge rentes, op de internationale kapitaalmarkten hebben kunnen lenen. Bij een dreigend bankroet zou het IMF uit het verre Washington moeten worden ingeroepen. Het IMF is niet vatbaar voor morele chantage en is een harde heelmeester.

Als lid van de eurozone konden de zwakke broeders gemakkelijk en tegen aantrekkelijke rentes geld lenen, de cijfers vervalsen en blijven potverteren in de verwachting dat de Bondsrepubliek Duitsland als Schatzmeister der Union en landen als Nederland toch wel zouden bijspringen. Toetreden tot de eurozone was in het geval van de zuidelijke landen een politiek besluit.

Het Stabiliteitspact werd door Frankrijk onder Jacques Chirac en Duitslands Gerhard Schröder nog voordat de verf droog was buiten werking gesteld. Inmiddels is dat pact weer in ere hersteld en zelfs aangescherpt. Tevens werden de Europese Commissie verregaande bevoegdheden toegekend om zondaars aan te pakken. De Finse eurocommissaris Olli Rehn, die met toezicht en sancties is belast, heet in de wandelgangen veelzeggend euro-tsaar. Dat is grote winst, want de euro en de interne markt zijn voor handelsland Nederland van vitaal belang. Premier Mark Rutte en de fracties van de VVD in de Tweede Kamer en in het Europees Parlement hebben eensgezind initiatieven genomen tot (semi-) automatische sancties.

Echter, een volgende stap moet de erkenning zijn dat de Europese Unie grote averij oploopt als alle landen gedwongen worden om tegen heug en meug in de eurozone te blijven. Als landen niet in staat of bereid zijn via structurele hervormingen lid van de eurozone te blijven, dan moeten zij voor uittreding kiezen, dan wel dienen zij uit de eurozone te worden gezet.

Daarvoor is nu geen verdragsbasis. Dat moet veranderen. Liever een geordende exit dan een chaotische, of het door etteren van de crisis.

Ierland kan, via een radicaal hervormings- en bezuinigingsprogramma van eigen bodem, weer op de kapitaalmarkten lenen. Dat hebben de Ieren zelf gedaan. Ook in Portugal is er een positieve omslag. Spanje en Italië zijn serieuze economieën met hervormingsgezinde regeringen. Zij hebben gekozen voor de euro en voor vergaande aanpassingen.

Griekenland loopt hopeloos achter en wil nu weer twee jaar uitstel. Ook Griekenland moet kiezen: een terugkeer naar de drachme met de mogelijkheid tot devalueren en het maken van eigen economische keuzes, waarvoor het zelf verantwoordelijk is. Of het Ierse voorbeeld volgen. Als Griekenland niet kiest, dan moet de eurozone kiezen voor het uitzetten van Griekenland. Nieuwe toetreders moeten de vrijheid hebben voor de euro te kiezen, of dat niet of later te doen.

David Owen, de pro-Europese minister van Buitenlandse Zaken onder Labourpremier James Callaghan (1977-1979), verklaarde onlangs in Elsevier dat een inflexibele eurozone, waarbij landen geen keuzevrijheid meer hebben, een splijtzwam in de Europese Unie zal worden. Owen heeft gelijk. De eurozone is van vitaal belang voor de op concurrentie en export gerichte EU-lidstaten. Duitsland, Nederland, Finland en gelijkgestemde landen moeten volharden in hun keuze voor een sterke, samenhangende eurozone. Frankrijk, Spanje en Italië moeten hervormen binnen de eurozone. Terugkeer naar de eigen munt is geen serieuze optie. Landen die de concurrentie echter niet aankunnen en niet hervormingsgezind zijn, moeten de eurozone (kunnen) verlaten. In beginsel kunnen zij lid blijven van de EU. Hiermee ontstaat een Europa van diverse snelheden. Een hechte eurozone als kern van de Europese Unie, met daaromheen een schil van landen die alleen tot de interne markt en/of de Schengenzone behoren. De posters met Angela Merkel in NS-uniform kunnen dan in Athene de papierversnipperaar in. Meer afstand en eigen verantwoordelijkheden leiden tot betere verhoudingen.

Een geordende exit als eigen keuze of als besluit van de eurozone zal de euro en de Europese samenwerking versterken in plaats van verzwakken. Geen Ever Closer Union als natuurverschijnsel. Geen One Size Fits All. Maar maatwerk.

Hans van Baalen is delegatieleider van de VVD in het Europees Parlement.