Met de stoomwals de beurs op

Lambert Heijmans wist het bouwbedrijf van zijn vader naar de beurs te tillen. Maar het verre buitenland bleek een stap te ver voor Heijmans.

Foto Henk Pijnenburg

Lambert Heijmans was de man die Heijmans van Rosmalen naar Amsterdam bracht. Naar de beurs aan het Damrak, waar het bouwbedrijf in september 1993 met een stoomwals kwam voorrijden. Alle 2.800 werknemers kregen bij de beursgang drie aandelen à 40 gulden per stuk, volgens het Brabants Dagblad. „Ze voelen zich allemaal Heijmannen”, zei Lambert Heijmans op die dag.

De oud-bestuursvoorzitter van het bouwbedrijf wordt morgen begraven, thuis in Rosmalen. Hij overleed afgelopen vrijdag op 77-jarige leeftijd in het ziekenhuis na een hersenbloeding, zo heeft het bedrijf Heijmans bekendgemaakt.

De beursgang was voor Lambert Heijmans het sluitstuk van een ruim veertigjarige carrière binnen het familiebedrijf. Een jaar later nam hij afscheid, na 25 jaar bestuurslid te zijn geweest, waarvan vijf jaar als voorzitter. Bestuurders bij Heijmans stappen op als ze zestig jaar oud worden – dat is nu eenmaal de afspraak, zei hij bij zijn afscheid in museum Autotron in Rosmalen.

Op kantoor kwam Heijmans nog zelden. Wel bleef hij actief als bijvoorbeeld president-commissaris van de Efteling en als voorzitter van de Kamer van Koophandel. Met een stichting bood hij hulp aan Afrika. Voor zijn maatschappelijke inzet is hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau.

Heijmans begon in 1923 als een stratenmakersbedrijf van Jan Heijmans. Lambert, één van de acht kinderen, begon er in 1952 op de afdeling Wegmarkeringen – naar verluidt als lijntrekker. Naast asfalt legde het bedrijf in de wederopbouwjaren ook al vliegvelden, irrigatiewerken en zware betonconstructies aan. Met name dankzij de Deltawerken kon Heijmans in enkele decennia uitgroeien van een miljoenen- naar een miljardenbedrijf. Het is nu na BAM en Volker Wessels de derde bouwer van Nederland met ruim 8.300 werknemers en 2,4 miljard euro omzet vorig jaar.

Lambert Heijmans werkte in de jaren vijftig nog even in Turkije als chef materieel. Voor de NAVO bouwde Heijmans er vliegvelden in Batman en Malayta. In Iran legde het bedrijf irrigatieprojecten aan. Maar daar stopten de buitenlandse avonturen van het Brabantse familiebedrijf. In de jaren zestig trok Heijmans zich terug op zijn thuismarkt. Tegenwoordig is Heijmans actief in Nederland, België en Duitsland in wegen en infra, woningen en utiliteitsbouw. Tijdens de crisis trok het bedrijf zich in 2009 terug uit Groot-Brittannië.

Lambert Heijmans bleef wel zekere internationale ambities houden. Zo liet hij begin jaren negentig een geluidsarm en duurzaam asfalt ontwikkelen waarmee hij het buitenland wilde veroveren. Het kwam er niet van, omdat Rijkswaterstaat koos voor het goedkopere „boerenmengsel” van andere wegenbouwers, klaagde hij in in 1993 in deze krant. „Hoe kunnen wij ooit technologie exporteren als we die op de thuismarkt niet eens kwijt kunnen?”