Zomerlezen

Cordelia Fine: Waarom we allemaal van Mars komen, 2011, 359 blz., vertaald door Fred Hendriks, Lannoo, € 19,99.

Mensen zijn onafhankelijk. Vrij van geest. Denken ze meestal zelf.

Bij anderen zien ze scherper: mensen zijn kuddedieren. Snel bereid hun mening bij te stellen als de groep er anders over denkt. Kijk maar wat er gebeurt als een groep volhoudt dat van drie even lange stokjes er eentje langer is. Wat zegt dan een nieuwkomer? Dat, inderdaad, het ene stokje langer is.

In Waarom we allemaal van Mars komen legt Cordelia Fine fijntjes bloot hoe zulke processen ook ons denken over mannen en vrouwen beïnvloeden. Groepsprocessen en (onbewuste) vooroordelen bepalen in hoge mate ons gedrag en onze keuzes als vrouw of man, laat zij zien.

Fine citeert bijvoorbeeld wetenschappelijk onderzoek dat aantoont dat een vrouw een wiskundetoets gemiddeld slechter maakt als zij vooraf heeft opgevangen dat vrouwen meestal falen bij wiskunde. De prestaties van mannen bij een mentale rotatietoets (ruimtelijk inzicht) kelderen als de uitslag wordt verbonden aan breien en bloemschikken.

Fine toont bovendien hoe wetenschap soms misbruikt wordt om heersende ideeën te bevestigen. Zo ‘bewees’ vaag hersenonderzoek een eeuw geleden dat vrouwen ongeschikt waren voor kiesrecht. Nu ‘bewijzen’ gammele apenstudies dat vrouwen geen ingenieurstypes zijn.

Margriet van der Heijden