'De VVD is weer ruimschoots de banenkampioen' Stef Blok

Waarom doet de VVD het zo goed?

Goed voor de werkgelegenheid, neutraal voor de groei, en toch keihard bezuinigen. Dat de VVD het zo goed doet, komt vooral doordat de partij werken lonender maakt, en niet werken minder aantrekkelijk. Geen enkele partij die het verschil in inkomen van werknemers en uitkeringsgerechtigden zo vergroot als de VVD (met 6,25 procent).

„Fors denivellerend” noemde Coen Teulings het VVD-plan gisteren. Dat doet de VVD door uitkeringen te verlagen (de bijstand, arbeidsongeschikten), het recht op uitkeringen te beperken (bijvoorbeeld als er in één gezin twee uitkeringen zijn) en door uitkeringen niet langer te koppelen aan de lonen maar aan de inflatie. Dat is volgens het CPB goed voor de economische groei en de werkgelegenheid.

De VVD wil bijvoorbeeld de duur van werkloosheidsuitkering WW beperken tot een jaar (nu 38 maanden). Daardoor zoeken werklozen sneller een baan en „accepteren zij vaker minder aantrekkelijke banen”, volgens het CPB. Dat drukt de lonen van iedereen, „omdat de onderhandelingspositie van werknemers verslechtert”. Door de maatregel stijgt de werkgelegenheid.

De VVD zorgt voor de grootste daling van het reële loon: min 1,1 procent. Dat compenseert de partij door werknemers een belastingvoordeel te geven, de arbeidskorting van 1.000 euro die Rutte vorige week aankondigde.

Omdat de VVD niks doet aan de hypotheekrenteaftrek, maar zich houdt aan de beperking voor nieuwe gevallen die in het Lenteakkoord werd afgesproken, stijgen de huizenprijzen. Dat is goed voor de consumptie, de werkgelegenheid en de economie.

Wat is het pijnpunt bij de VVD?

De files nemen toe door het beleid van de VVD, het meest zelfs van alle partijen. Dat komt doordat de VVD de forenzentaks uit het Lenteakkoord terugdraait. Dat vergroot het autogebruik en dus de filedruk, volgens het Planbureau voor de Leefomgeving.

Wat valt er nog meer op bij de VVD?

De VVD verhoogt het eigen risico in de zorg niet ten opzichte van het Lenteakkoord (daarin stijgt het in 2013 naar 350 euro). Maar zieken betalen 50 procent van de kosten als ze zorg nodig hebben, ook voor de huisarts. Zij betalen daardoor maximaal 150 euro per jaar meer.