De Japanse mini-eend

De Japanse paleontoloog Chonosuke Okamura bestudeerde fossielen van algen en ongewervelde dieren. Zijn publicaties, hoewel doorwrocht, brachten hem geen roem. Dat veranderde toen hij slijpplaatjes van 425 miljoen jaar oud Japans kalksteen bestudeerde. Onder de microscoop ontdekte hij het bewijs dat alle thans bekende gewervelde dieren afstammen van (miniatuur) organismen die er hetzelfde uitzien als hun huidige opvolgers, maar dan niet groter zijn dan een paar millimeter. Dat nieuwe inzicht gaf hem het aanzien dat hij verdiende, waaronder de Ig Nobelprijs voor biodiversiteit in 1996.

In een serie publicaties getiteld ‘Original Report of the Okamura Fossil Laboratory’ beschreef hij bijvoorbeeld gefossiliseerde minigorilla’s, minikamelen, minivissen, minihonden, mini-eenden en niet te vergeten de minimens. In totaal vele honderden nieuwe soorten en ondersoorten, die hij netjes volgens de regels van de biologische naamgeving introduceerde.

Zijn beschrijving, in deel XIII, van de Japanse mini-eend Archaeoanas japonica heeft mij altijd bijzonder geïntrigeerd. Het fossiel meet niet meer dan 9,2 millimeter maar is toch een volledig uitgegroeid individu. De overblijfselen zijn volgens Okamura ‘in een verkrampte houding gefossiliseerd, nadat de eend 425 miljoen jaar geleden tijdens het Siluur in shock werd bedolven’. De lijntekening die de paleontoloog van de ligging van de skeletdelen en veervelden maakte, getuigt van uitzonderlijk vakmanschap. De anatomische details van de mini-eend, van staartwervels tot teenkootjes en van snavel tot anus, zouden zonder Okamura’s studie onherkenbaar gebleven zijn.

Over de Japanse mini-mens (Homo sapiens minilorientalis) meldt hij: ‘Het lichaam van de mens is sinds het Siluur onveranderd gebleven, behalve een toename van de lichaamslengte van 3,5 tot 1700 millimeter. De publicatie waarin Okamura de minimens introduceert, is geïllustreerd met vele honderden foto’s die zijn ontdekking kracht bij zetten. Op sommige afbeeldingen herkent hij gelaatsuitdrukkingen, zoals die van een vrouw ‘die pijn lijdt nadat ze levend begraven is in kokende modder’. Andere figuren zijn ook voor de leek herkenbaar, zoals de verbluffende gelijkenis tussen de schedel van de minimens en die van de mens van nu. Het laatste ‘Original Report of the Okamura Fossil Laboratory’ verscheen in 1987 en ook van Chonosuke Okamura is nadien niets meer vernomen.