Zomergastentips voor Jan: Van Dis nam het even van je over

Jan Leyers, op een bed. Foto Hollandse Hoogte / Merlijn Doomernik

Jan,

We moeten praten.

Natuurlijk is het niet zo dat je onze adviezen slaafs moet opvolgen. Hoewel… nou nee, laat ik dat niet zeggen. Maar gisteravond was het toch wel héél erg handig geweest als je dat wél had gedaan. Want nu behaalde je weinig eer aan Adriaan van Dis, de Zonnekoning der Zomergasten Aller Tijden.

Ik had je vooraf geadviseerd niet te komen opdagen, of in ieder geval na de aankondiging Adriaan zo snel mogelijk met zichzelf alleen te laten. Op twitter kwam een interessante suggestie voorbij, namelijk dat je misschien beter een spiegel had kunnen neerzetten voor Van Dis, qua letterlijke zelfreflectie. Van Dis noemde het zelf nota bene nog. Als jij onwel zou worden tijdens de uitzending, zou hij een snoeikritisch interview met zichzelf aangaan. De rest van de avond dacht ik erover na hoe dat eruit zou zien: Adriaan interviewt zichzelf op het ‘eerste scherm’ en jij, Jan, interviewt jezelf op het ‘tweede scherm’. Toch niet goed eigenlijk, Jan. Dat ik niet méér door je geboeid was dit keer.

Je probeerde van alles los te peuteren. Over de gewelddadige, gekke tirannieke vader. Over de vrouw met wie Van Dis zijn leven deelt, maar de überijdele beroepsreflecteur Van Dis was niet uit zijn haarlak te krijgen. Het was een beetje een gesprek met de minister-president uit een tijd dat minister-presidenten nog interessant waren. Hij is de baas van het land, het is belangrijk en we willen weten wat hij met ons gaat doen. Maar het maakt niet zoveel uit wie er dan tegenover zit. Sorry Jan, het klinkt misschien wat onaardig, maar zo wás het wel een beetje.

Wat ik wél heel leuk vond, was dat je eindelijk eens onder de indruk leek te zijn van de gast die de redactie voor je had uitgekozen. Vorige week twijfelde je voortdurend of je U of jij zou zeggen tegen ‘topmanager’ Ben Verwaayen. Nu zei je consequent de hele avond ‘jij’. Zoals een fan, jij Jan, maker van mooie reisprogramma’s, spreekt tegen zijn idool, de keizer van het genre in het Nederlandstalige kijkgebied.

Niet dat het geen interessante avond was. Sterker nog. Het was de eerste Zomergasten dit jaar die ik helemaal zonder morren uit heb gekeken. Ik heb zelfs gedaan wat Van Dis zei, namelijk zijn keuzefilm opnemen om later nog eens te bekijken.

Want een hele avond vullen, laat dat maar aan Van Dis over.

Schrijver, wereldreiziger, beschavingsambassadeur. Iemand die het als plicht ziet dingen voor het volk te beleven om erover te kunnen schrijven. Hij woonde daarvoor zelfs grote delen van het jaar in Parijs, ik bedoel maar, hij daalt voor ons af naar de zelfkant, naar het gore, naar het bloed, naar de oorlog. Om net als kunstenaar Francis Bacon, uit the violence of life, het mooiste te scheppen.

Van Dis was in vorm. Geoliede machine.

We zagen het kwaad, de weduwe Rost van Tonningen. Van Dis liet haar zeggen dat de wereld leuker geweest was als Hit-ler (zo sprak ze het uit, Hit-ler) gewonnen had.

Indonesische troostmeisjes die in de Tweede Wereldoorlog met Japanners naar bed moesten. Ik moest huilen toen één van hen, een stokoud vrouwtje, de hand van haar interviewster pakte en niet meer losliet. Omdat ze elkaar begrepen, van vrouw tot vrouw.

Toen mismaakte mensen. Die we niet mogen wegstoppen, zei Van Dis. Omdat als we de afwijking wegstoppen, we ook niets meer weten van de norm waar alles aan moet voldoen. Daarna een jongetje van twee dat zichzelf voor het eerst in de spiegel zag, en dat, terwijl wij ademloos toekeken, van zichzelf leerde houden.
En ineens snapte ik het. Van Dis wilde iets laten zien.

Het kind in de spiegel, de door de oorlog getroubleerde veteraan, zelfkantzoeker Bacon. De presentator die elke dag het Franse publiek via de televisie wil opvoeden met cultuur.

Het waren geen fragmenten, het was Van Dis zélf.

Nooit door zijn ouders geknuffeld, geslagen door zijn vader. Nooit een familie gewild, om gevrijwaard te blijven van al die idioten uit zijn eigen jeugd. Hij heeft al een graf gekocht in Bergen.

Hij was het zélf, die vrouw in het laatste fragment: eenzaam in Parijs, met niemand om haar liefde voor de stad mee te delen. Maar ‘vivante’. Vol leven. De zeppelin steeg hoger en hoger. En wij zaten erbij Jan, jij en ik.

Wat hadden we dáár nog aan toe te voegen.

De afgelopen weken schreven Japke-d. Bouma (coördinator centrale nieuwsredactie NRC Handelsblad) en Peter van der Ploeg (chef NRC Digitaal) elke maandag Zomergastentips aan Jan Leyers, presentator van Zomergasten. Volgende week de laatste tips voor Jan: als reactie op de aflevering met Jolande Withuis die zaterdag 1 september vanaf 23.40 uur op Nederland 2 zal worden afgemaakt.

Lees de stukken van de afgelopen weken terug:

Zomergastentips voor Jan: volgende week gewoon afzeggen

Zomergastentips voor Jan: onkreukbaar, ondanks de blote vagijnen

Zomergastentips voor Jan: migraine bij Withuis, en je begon zo lekker!

Zomergastentips voor Jan: hij rolde met z’n ogen, en jij liet hem een perzik eten

Zomergastentips voor Jan: wát een debuut, Jan. Nu alleen nog nét iets meer vuur