Samsom en Roemer in een populistische quiz

De huidige generatie politici is lastig te imiteren wegens een overwegend gebrek aan karakteristiek uiterlijk. Dat zeiden althans de specialisten bij uitstek, Owen Schumacher en Paul Groot van Koefnoen (AVRO), vorige week in Eva Jinek op zondag (WNL).

Met Mark Rutte kunnen ze slecht uit de voeten, Geert Wilders is al een parodie op zichzelf. Op Emile Roemer wordt druk gestudeerd. In de seizoensopening van Koefnoen zat zaterdag een acceptabele Roemer (Erik van Muiswinkel) tegenover een behoorlijk goed uitgevallen Diederik Samsom (Groot).

Maar wat deze openingssketch briljant maakte, was de doordachte en in menig opzicht vernietigende inhoud. Dat is nu precies wat Koefnoen zo oneindig veel beter maakt dan de technisch imposante imitaties van BN’ers door Carlo Boszhard en Irene Moors in DeTV Kantine (RTL 4).

Samsom en Roemer waren bij Koefnoen kandidaten in de kennisquiz De slimste mens ter wereld, die deze zomer een derde Nederlandse seizoen beleeft, bij de NCRV. Wat quizliefhebbers opvalt is niet alleen dat de chemie tussen presentator (Philip Freriks) en ‘jurylid’ (Maarten van Rossem) veel minder is dan in de oorspronkelijke Belgische versie en eerder bij Talpa en RTL, maar vooral dat de vragen en antwoorden nogal slordig geformuleerd zijn.

Leuk aan het format is dat kennis van hoge en lage cultuur even serieus genomen wordt. Maar als de redactie de materie nauwelijks beheerst, dan verandert de gimmick in pijnlijk geblunder.

Zo werd al Ian Fleming, geestelijk vader van James Bond, aangewezen als uitvinder van de penicilline (dat was naamgenoot Alexander) en personage Gerben Zonderland als schrijver van de Kameleon-reeks. Wat weet u van Bob Marley? De antwoorden ‘reggae’ en 'Jamaica’ zijn fout, 'tenen’ en 'voetbal’ wilde Freriks horen.

Het was Koefnoen niet ontgaan: slimste jongetje van de klas Samsom geeft, gevraagd naar vijf sleutelbegrippen van de kredietcrisis, een haarscherp college, maar geen enkel trefwoord wordt goed gerekend. De grijnzende Roemer begint met te zeggen dat hij de kredietcrisis „ongezellig” vindt, en dat is wel goed. Met „bankiers”, „bonussen”, „gewone man” en „centjes” scoort hij een homerun.

Koefnoen slaat twee vliegen in één klap: ergens verstand van hebben is in het huidige politieke klimaat een groot nadeel en zelfs de publieke omroep werkt domheid en het de kiezer naar de mond praten in de hand, door vakantiefoto’s van lijsttrekkers en het laatste politieke relletje belangrijker te maken dan de echte problemen.

Waarom zou je een kennisquiz willen maken als je kennis niet belangrijk vindt? Omdat het ook zonder exactheid toch wel hoge kijkcijfers scoort.