Ook in de cultuur is het SP tegen VVD

De SP wil alle bezuinigingen op cultuur terugdraaien. Het publiek bij het Paradisodebat kon het niet geloven. „Liever een zekere bezuiniging dan een loze belofte.”

Reken u niet rijk, zegt Kamerlid Mark Harbers (VVD) tegen kunstenaars en cultuurbestuurders. Adviesbureau Berenschot mag dan hebben uitgerekend dat gemeentes vooralsnog minder hard bezuinigen op cultuur dan het Rijk en de provincies, die gemeentes zullen na de formatie van een nieuw kabinet waarschijnlijk alsnog het mes zetten in cultuurvoorzieningen in hun stad. Harbers: „Nagenoeg iedere politieke partij wil opnieuw meer dan een miljard bezuinigen op de overheid. Dat slaat neer bij de gemeentes. En waar cultuurwethouders van de grote steden nu trots praten over hun andere aanpak dan het Rijk, zouden zij komende jaren nog wel eens hele andere keuzes kunnen maken.”

Zoals ieder jaar op de slotavond van de Uitmarkt spraken cultuurbestuurders en politici gisteren in Paradiso over het cultuurbeleid. Harbers reageerde onder anderen op Caroline Gehrels (PvdA), wethouder cultuur van Amsterdam. Die was inderdaad trots op de cijfers van Berenschot. Die lieten volgens haar zien dat gemeentes begrijpen dat kunst „ontstaat in de steden”. Het Rijk had de G9, de negen grootste gemeentes, daarom ook beter moeten consulteren over de bezuinigingen, vond Gehrels.

Onno Hoes, burgemeester van Maastricht en voorzitter van Nederlandse Associatie voor Podiumkunsten (NAPK), meende zelfs dat dit het moment is dat de Tweede Kamer moet besluiten dat een nieuw kabinet nog slechts mag bezuinigen als de gemeentes akkoord gaan. „Deze kabinetsloze periode biedt de kunstwereld een grote kans.”

Hoes is een partijgenoot van Harbers en staatssecretaris Halbe Zijlstra, maar daar bleek gisteren weinig van. Uit de woorden van Harbers en een toespraak van de staatssecretaris („Als ik het over had mogen doen, had ik het niet anders gedaan”) was niet op te maken dat er een einde kwam aan wat Jetta Klijnsma (PvdA) „de treurige kilte” noemde.

Haar partij, de PvdA, wil zo’n 50 van de 200 miljoen euro aan bezuinigingen terugdraaien. Dat is nog niets vergeleken bij de SP. In het verkiezingsprogramma spreekt de partij er niet van, maar uit de cijfers die de partij bij het Centraal Planbureau heeft ingeleverd, blijkt dat de SP 300 miljoen wil investeren in cultuur.

Toen Jasper van Dijk (SP) vertelde dat zijn partij alle bezuinigingen wil terugdraaien, kwam hem dat op hoongelach van de zaal te staan. „Liever een zekere bezuiniging, dan een loze belofte”, zei een van de cultuurmakers die waren uitgenodigd op het podium om mee te praten.

Voor het niveau van het debat waren deze mensen uit de praktijk onontbeerlijk, want in campagnetijd is het altijd moeilijk politici inhoudelijk op elkaars woorden te laten reageren. Ze spreken campagnetaal.

Eén keer moest gespreksleider Ruben Maes echt ingrijpen. Europarlementariër Marietje Schaake (D66) kreeg de gelegenheid om te praten over extra geld dat Brussel heeft uitgetrokken voor de ‘creatieve sector’. In plaats daarvan las ze een minutenlange tekst voor waarin ze de zaal op het hart drukte dat haar partij, D66, nooit zo zou bezuinigen als de regeringspartijen hadden gedaan.

Van de makers kwam andere taal. Ze hadden gestreden tegen de bezuinigingen, maar spraken tegelijk in de geest en taal van de protagonisten van die bezuinigingen. De overheid heeft zich, zo zei curator en cultureel ondernemer Michiel van Iersel, een „onbetrouwbare partner” getoond. Daarom zullen kunstenaars niet meer op die overheid rekenen. En ja, dat was juist wat het inmiddels demissionaire kabinet wilde: kunstenaars die niet rekenen op de overheid. Zijlstra, gisteravond: „De vanzelfsprekendheid was dodelijk voor de creativiteit.”

Maar liet de correctie van gemeentes op het beleid van Zijlstra, zo vroeg gespreksleider Ruben Maes, niet de zwakte van zijn beleid zien? Nee hoor, meende Zijlstra, gemeentes hebben hun eigen overwegingen, zoals het vestigingsklimaat voor bedrijven. Daar hebben „wij” – het Rijk – „niets mee te schaften”.