De ventilator staat nog in het asbest

De asbestproblemen in de Utrechtse wijk Kanaleneiland zijn in kaart gebracht en twee van de drie flats weer vrijgegeven. De woede van de bewoners is niet geluwd.

Het flatgebouw aan de Utrechtse Stanleylaan waar vorige maand bij de renovatie asbest werd gevonden. Alleen de directe omgeving ervan is nog verboden gebied. Foto Rob Huibers

Koos Stel wil zijn boormachine terug. En zijn ventilator. Dat vertelt hij in het wijkcentrum aan de medewerkster van woningcorporatie Mitros die geduldig luistert. Ze knikt vele keren begrijpend. Zonder boormachine kan hij zijn fietskar niet repareren. En de ventilator heeft hij nodig voor zijn astma. Nieuwe spullen kopen kan niet als je van een uitkering leeft.

Koos Stel woont in een van de drie flats in de wijk Kanaleneiland Utrecht die op zondag 22 juli plotsklaps werden ontruimd omdat er asbest was aangetroffen. Bewoners moesten stante pede het huis uit, zonder spullen. Anderen, die zich buiten de woning bevonden, mochten niet meer naar binnen. Koos Stel zit nu in een tijdelijke woning in Zuilen.

Twee weken lang was Kanaleneiland het middelpunt van Nederland. Geholpen door de nieuwsluwe zomer brachten kranten, radio en televisie de ene reportage na de ander. De Utrechtse burgemeester Aleid Wolfsen kwam te laat terug van vakantie. Of had juist weg moeten blijven. Asbestdeskundigen vertelden over de ernst van de situatie of meldden juist dat roken véél slechter was.

En toen werd het stil.

Hoe gaat het nu, ruim een maand later, met de bewoners? Twee van de drie ontruimde flats zijn weer vrijgegeven. De bewoners van de derde flat wonen nog steeds elders. Boosheid beheerst vrijwel iedereen.

Dat de bewoners de eerste dagen, of zelfs de eerste twee weken boos waren, is begrijpelijk. De ontreddering was groot. De angst voor gezondheidsschade ook. En de communicatie tussen Mitros, de gemeente en de bewoners liep nogal moeizaam. Het was in de eerste dagen lastig voor de bewoners om erachter te komen wat er precies aan de hand was.

Een voorbeeld. Toen Iaimro Vrede op 24 juli terugkwam van vakantie in Suriname, trof hij een verlaten wijk achter hekken. Vrede mocht zijn huis niet in. De beveiligers achter de hekken konden hem niet vertellen waarom hij niet naar binnen kon. Uren later kon hij terecht in een hotel in Nieuwegein.

En nu? Nu twee flats veilig zijn verklaard, de bewoners van de derde flat allemaal onderdak hebben, luwt de woede niet. Waarom niet?

De bewoners voelden zich al het afvalputje van de samenleving, zegt Rudy Wagersveld, bewoner van de nog niet toegankelijke flat. Hij woont nu in een wisselwoning in Nieuwegein. „Laten we eerlijk zijn, de mensen die in de flats wonen, hebben een heel laag inkomen. Het overgrote deel is allochtoon, de meesten spreken slecht Nederlands. En de Hollanders die er wonen, daar is iets mee. Ik ben bijvoorbeeld jarenlang verslaafd geweest.” Deze mensen, zegt Wagersveld, wantrouwden de overheid al voor de asbestaffaire.

Rob Rötscheid, directeur van Mitros, begrijpt de stress van de bewoners in die eerste dagen maar al te goed. Hij was zelf ook nogal ontdaan, zegt hij. Een „gevalletje asbest” ontaardde in een affaire die de corporatie miljoenen gaat kosten. Asbest is voor Mitros zo gewoon als het brood dat je dagelijks bij de bakker haalt. Het zit in vrijwel alle woningen die voor 1993 zijn gebouwd, dus bij saneringen komen de bouwvakkers het vaak tegen. Als het nodig is, wordt het weggehaald, soms kan het blijven zitten. „Als mensen er niet in boren of zoiets, is er niets aan de hand.”

Op 8 augustus werd na uitgebreide metingen aard en omvang van de besmetting duidelijk: zeven appartementen waren besmet, in twaalf andere woningen was een lichte verhoogde concentratie asbest gemeten. Dat leidde niet tot opluchting, maar tot meer argwaan. Per woning was er een rapportage van de meting. De bewoners snapten termen als MF en kleefmonsters in het rapport niet. Bij de ene woning is wel het balkon gecontroleerd, bij de andere niet. Complottheorieën gaan van mond tot mond. Mitros zou informatie achterhouden. De ernst bagatelliseren. Zou illegaal asbest verwijderen. Zou de bewoners over verschillende hotels verdelen zodat ze niet samen een opstand zouden kunnen voorbereiden.

En vooral: Mitros zou te lang hebben gewacht met evacuatie. Daar komt de woede van de bewoners vandaan, zegt Mohammed Arazouk, die nog elders verblijft met zijn gezin. Hij is doodsbang dat zijn kinderen asbest hebben ingeademd in de dagen voor evacuatie, toen de corporatie de ernst van de besmetting opnam. „Mitros en de gemeente hadden ons direct uit onze woning moeten halen. Ze waren te laat, veel te laat. Daarom ben ik boos.”

De ernstigste besmetting die in Kanaleneiland is gemeten is 4.200 asbestvezels per kubieke meter, zegt Rötscheid. In de jaren tachtig van de vorige eeuw werden op verkeersknooppunten veel hogere waarden gemeten, blijkt uit een recent rapport van de Gezondheidsraad. In die tijd hadden alle auto’s asbesthoudende remvoering. Rötscheid wil maar zeggen: met de besmetting viel het volgens de deskundigen wel mee. Asbest heeft een heel negatieve connotatie, zegt hij. „Als het over asbest gaat, worden mensen bang. En angst is niet rationeel.”

Bij bewoners speelt daarnaast het onvermogen zelf het heft in handen te nemen. Ze missen daarvoor het netwerk en de financiële armslag. Koos Stel: „Het idee heerst dat Mitros denkt: och, het is toch maar een achterstandsbuurtje.”

In die sfeer is het lastig goodwill kweken, merkten de medewerkers van Mitros. Ze doen hun best. Ze brengen bloemetjes langs, nemen de tijd. De bewoners hebben het gevoel altijd de klos te zijn. En nu wéér.

De vergoeding van 150 euro per week woongenotsderving? Waarom is die gestopt? Ze zijn toch nog niet thuis? Ze krijgen een bon voor de wasserette. Elke week met twee tassen aan het stuur naar de stad fietsen zeker. Ze willen een wasmachine. De bon voor kleding bij de C&A? Tuurlijk, maar daar kochten ze zomerkleding van. Het was toen snikheet.

Fahima Aachboun is sinds 2 augustus thuis, maar voelt zich niet veilig. Vanaf haar balkon kijkt ze uit op de flat die nog steeds geëvacueerd is. De mannen met maskers en pakken lopen op een steenworp afstand van haar woning. „Als zij maskers moeten dragen, ben ik dan wel veilig?”, vraagt ze zich af. Slapen kan ze nog steeds niet. Ze neemt slaappillen.

Koos Stel weet zeker dat het niet veilig is: „Als ze in van die pakken rondlopen, dan gaan ze geen eitje bakken.”

Iaimro Vrede slaapt ook nauwelijks. Zijn woning is veilig verklaard. Kan hij dat geloven? Wat er nu gaat gebeuren, weet hij niet. „Mijn kleinkind durft niet langs te komen. Krijg ik schadevergoeding?”

Trouwens, Koos Stel kreeg zijn ventilator terug. Er hing een gele gloed over. Asbest, zegt Stel. Hij gooide hem meteen weg. Mitros krijgt de rekening van een nieuwe.