Al na 10 minuten laat hij het zien op Old Trafford

Robin van Persie beleefde op Old Trafford een droomdebuut voor het eigen United-publiek. „Ik denk dat ze zich bij Manchester City behoorlijk zorgen maken.”

Robin van Persie (r) in duel met Moussa Dembélé van Fulham. Foto AFP

Manchester. - Genialiteit, vindt Chris O’Neill (36), zit hem ook in de manier waarop je je debuut maakt. De rossige basisschoolleraar, tevens columnist voor het onafhankelijke supportersblad United We Stand, heeft al veel spelers zien komen en gaan bij Manchester United. „Ik herinner me nog het debuut van Andy Cole in 1995. Een uitstekende spits. Maar de eerste kans die hij kreeg schoot hij meteen hard over.”

Wat O’Neill een paar uur na de wedstrijd Manchester United - Fulham (3-2) eigenlijk wil zeggen is dat zijn club veel topvoetballers heeft gehad, maar dat Robin van Persie „een artiest” is. Een beetje zoals Eric Cantona, de legendarische Franse aanvaller die United in de jaren negentig nieuw leven inblies. O’Neill realiseerde het zich zaterdagmiddag, toen Van Persie om tien over drie Britse tijd zijn eerste doelpunt maakte voor Manchester United. „Zijn eerste schot op doel voor de club, meteen zo’n goal. Dat is zo bijzonder, als je dat kan.”

Van Persie, de man van de meest geruchtmakende transfer van deze zomer, speelde zaterdag voor het eerst op Old Trafford als speler van Manchester United en hij maakte er meteen een gedenkwaardige middag van. Met zijn linkervoet verlengde hij in de tiende minuut de opstuitende voorzet van Patrice Evra, precies zo dat de bal in de verre hoek verdween. Een droomdebuut.

Nou ja, debuut. Van Persie had er al ruim twintig minuten op zitten als invaller vorige week in de verloren uitwedstrijd tegen Everton. „Dat telt niet”, vindt O’Neill. „Het ging om deze wedstrijd. Voor het eerst voor eigen publiek, dat zo vreselijk veel van hem verwacht. De onaantastbare Wayne Rooney nota bene op de bank gezet. Over druk gesproken! Wat Van Persie liet zien was: ‘Kom maar, vertrouw me. Ik kan dit’.”

Eerder op zaterdag is het een gezellige toeloop op Sir Matt Busby Way, de weg tussen het treinstation en stadion Old Trafford. Het shirt voor het nieuwe seizoen, met het blokjesmotief als verwijzing naar de textielgeschiedenis van de stad, is in trek bij de supporters van United. En hoewel Van Persie pas een week in dienst is, hebben de meeste supporters die het nieuwe tenue hebben gekocht ook het nummer twintig van de Nederlander op hun rug staan.

De verwachtingen zijn immens rond de 29-jarige geboren Rotterdammer, die voor omgerekend ruim 30 miljoen euro van Arsenal naar Manchester United verhuisde. Wie zaterdag bij gokkantoor Ladbrokes inzet op een doelpunt van Van Persie tegen Fulham, krijgt voor elke pond maar 1,20 terug. Bijna niets dus, want scoren zal hij toch wel.

De Trafford Pub stroomt leeg als de supporters met kaartjes voor de wedstrijd richting het stadion trekken. Binnen zit nog wel de lallende Matt Colgan, die voor een keer zijn seizoenskaart heeft afgestaan aan een Amerikaanse vriend. Na de aftrap valt er nog tien minuten met hem te converseren, want zodra het doelpunt van Van Persie valt is hij niet meer te houden. Minutenlang brengt hij op de melodie van de White Stripes-hit Seven Nation Army een ode aan de nieuwe held: „Ro-bin, Ro-bin van Persie”.

Hoe anders was dat toen Van Persie al die jaren in het shirt van Arsenal de vijand was. Als zovelen op de Stretford End-tribune in Old Trafford zong Colgan nare liederen over de Nederlander. Meestal was het thema de verkrachtingszaak rond Van Persie, die in 2006 werd geseponeerd.

Maar Van Persie is nu van Manchester. De topscorer van het afgelopen seizoen in de Premier League kwam voor de fans als manna uit de hemel en het rode deel van Manchester heeft de voormalig Arsenal-vedette liefdevol omarmt. Is er eigenlijk iemand in Manchester die niet blij is met de aankoop van Van Persie? „Dan moet je aan de andere kant van de stad zijn”, lacht Colgan. „Bij het stadion van City. Ik denk dat ze zich daar behoorlijk zorgen maken.”

Stadgenoot en rivaal Manchester City kocht zich de afgelopen jaren met het geld van oliesjeik Mansour bin Zayed al-Nahyan een weg naar de top. Een opgeblazen club, vindt Colgan daarom. En hij zingt maar weer eens: „If you go to MCFC, empty seats is all you see.” Maar de recente opmars van het steenrijke ‘MCFC’ heeft United-fans wel degelijk schrik aangejaagd. Vorig seizoen wonnen ‘de blauwen’ in de laatste minuut van de laatste wedstrijd het landskampioenschap ten koste van United. Terwijl de mogelijkheden bij City onbeperkt lijken, gaat United al jaren gebukt onder de schuldenlast waarmee de Amerikaanse eigenaar Malcolm Glazer de club heeft opgezadeld.

Deze zomer verklaarde trainer Sir Alex Ferguson openlijk zijn steun aan de impopulaire Glazer. O’Neill vermoedt dat de Schot daarvoor als tegenprestatie de komst van Van Persie heeft geëist. „Hoe verklaar je anders dat we ineens een gearriveerde wereldster hebben gekocht? Rooney kochten we toen hij jong en veelbelovend was. Cristiano Ronaldo, idem. Dimitar Berbatov was drie jaar geleden de duurste, maar geen wereldtop. Wij maakten altijd de spelers. Nu hebben we weer eens wereldklasse ingekocht.”

In zijn column schreef O’Neill deze week dat de komst van Van Persie onmogelijk een miskoop kan zijn. Als de Nederlander samen met sterspeler Rooney een droomduo vormt: fantastisch. En als het met zijn tweeën niet werkt is de komst van Van Persie nog steeds een zegen. Rooney is volgens O’Neill te lang onomstreden geweest. „Hij was onze enige ster, hij werd gemakzuchtig.”

Ferguson zal zich dat ook hebben bedacht toen hij Rooney zaterdag tegen Fulham op de reservebank zette. Zijn invalbeurt is al even ongelukkig, als de Engelse spits in blessuretijd een diepe vleeswond oploopt. En wie is er als eerste bij om zich om hem te bekommeren? Robin van Persie, als de barmhartige Samaritaan. De foto van de twee samen – Rooney met een gapend gat boven zijn knie – haalde gisteren alle zondagkranten.

Van Persie zei bij zijn presentatie vorige week vrijdag dat hij naar „de kleine jongen” in hem had geluisterd. Die schreeuwde om Manchester United. Mooie woorden vond O’Neill. „Normaal hoor je spelers alleen maar cliché’s uitbraken. Van Persie hoefde het helemaal niet zo te zeggen, maar hij deed het toch. Dat toont persoonlijkheid.” Hij vertelt hoe hij ooit Eric Cantona ontmoette. „Weet je, Cantona bracht hier die houding van ‘Wij zijn United, who the fuck are you?’. Dat straalde hij uit en Van Persie heeft dat ook wel een beetje. We hebben hem nodig.”