Links: flex meer beschermen

Linkse partijen vinden dat de flexibilisering van de arbeidsmarkt is doorgeslagen. Ze zijn bezorgd dat een groep laagopgeleide werknemers lang blijft hangen in flexwerk.

Links zoekt de oplossing in het verhogen van de bescherming van flexwerkers. Het aantal tijdelijke contracten dat een werkgever mag aanbieden aan dezelfde werknemer moet bijvoorbeeld worden ingeperkt. Nu mogen werkgevers drie keer een jaarcontract aanbieden voordat een werknemer een vast contract aangeboden moet krijgen. Dat moet minder. Linkse partijen willen sommige flexconstructies zoals payrollen verbieden.

De bescherming van werknemers met een vast contract moet gelijk blijven. Linkse partijen zijn tegen het verlagen van de ontslagvergoeding van vaste contracten. Wat ze wel willen, is de ontslagprocedure vereenvoudigen, bijvoorbeeld door het ontslag alleen nog via de kantonrechter te laten lopen en niet meer via uitkeringsinstantie UWV. Dat zou zelfs betekenen dat de ontslagbescherming toeneemt, want alleen de kantonrechter kent nu ontslagvergoedingen toe. Het UWV doet dat niet. Circa de helft van de ontslagen loopt via het UWV.

Om werknemers verder te beschermen vinden linkse partijen dat werkgevers de kosten van ontslag moeten voelen. Ze moeten bijvoorbeeld tijdelijk de WW-uitkering betalen van personeel dat ze ontslaan.

Linkse partijen willen de zzp’ers, die zich hebben onttrokken aan collectieve arrangementen zoals de sociale zekerheid en de cao’s, weer deels terug onder de collectieve vleugels krijgen. Zo moeten zzp’ers bij hun pensioenfonds kunnen blijven sparen voor hun oude dag. Over Oost-Europese arbeidsmigranten zijn de linkse partijen verdeeld. Alleen SP en PVV willen de toegang tot de arbeidsmarkt beperken voor Roemenen en Bulgaren.

Linkse partijen willen oudere werknemers en arbeidsgehandicapte werknemers extra helpen. Bedrijven worden verplicht via quota arbeidsgehandicapten een baan te geven, op straffe van een boete.