De laatste rit

De langste lijkwagenstoet ooit – in Utrecht is donderdag een recordpoging. De variëteit aan voertuigen belooft groot te worden.

Het beeld blijft beklijven. Op een volledig verlaten M1 – de belangrijkste verkeersader van Groot-Brittannië – komt een kleine stoet tot stilstand. Zeven motoragenten, een Daimler rouwauto, een volgauto en een Range Rover van de politie. De bijrijder van de klassieke lijkwagen stapt uit, verwijderd wat geworpen bloemen van de motorkap, legt ze netjes aan de rand van de snelweg, stapt weer in en de compacte processie komt weer op gang.

Zelden zal een rouwauto zo veelvuldig in beeld zijn genomen als de Daimler Princess Vandenplas DS420 Hearse die de Britse prinses Diana op 6 september 1997 naar haar laatste rustplaats bracht: een eilandje op het landgoed Althorp.

Komende donderdag staat de rouwauto in Nederland in de belangstelling, als in Lage Vuursche een recordpoging wordt gedaan voor de langste lijkwagenstoet. Het huidige record werd ooit met 51 auto’s gevestigd in Michigan (VS), maar organisator Nuvema (uitvaartverzekeringen) heeft inmiddels al ruim negentig inschrijvingen.

Daar zit net zo’n Daimler DS420 Hearse (Engels voor lijkauto) bij als die van Lady Di’s begrafenis. De auto is van Gert Jan van Bennekom, uitvaartondernemer in Zeist. Hij kwam de Daimler op het spoor via internet, deed een bod en haalde de bijna zes meter lange auto vervolgens op in Belfast. Hoewel weleens anders wordt beweerd, rijdt de originele Lady Di-Daimler niet in Nederland, zegt Van Bennekom. Hij heeft ook nog een Chevrolet Caprice rouwauto, maar sinds hij de Daimler heeft, wordt die bijna nooit meer gebruikt. „Al was het maar omdat in de Daimler naast de kist twee stoelen zijn aangebracht. Je kunt als nabestaande dus meerijden in de rouwauto. Ik reken ook geen meerprijs; andere uitvaartondernemers brengen extra kosten in rekening voor een oldtimer, maar dat vind ik geen eerlijk management.”

In Lage Vuursche rijdt ook een koningsblauwe Volvo V70 rouwauto mee, die op 8 januari vorig jaar werd ingezet bij de begrafenis van oud-voetballer Coen Moulijn. De Rotterdamse uitvaartondernemer Martin van der Spek herinnert zich de twintigduizend mensen langs de route nog goed. „Op zo’n moment blijkt maar weer dat Feyenoordfans één grote familie zijn. De auto zat na afloop helemaal onder de as van al die Bengaalse fakkels.”

Van der Spek is een van de weinige begrafenisondernemers die met Volvo’s rijden. De rouwauto’s zijn tot wel drie keer duurder dan een gewone V70. Het chassis en het dak worden met 125 centimeter verlengd en daardoor kosten de Hearse-Volvo’s zo’n anderhalve ton per stuk. Waarmee duidelijk wordt waarom voor veel mensen de laatste rit wel eens de duurste kan zijn.

„Natuurlijk is een begrafenis geen vrolijke gebeurtenis”, zegt Van der Spek die donderdag deelneemt aan de recordpoging. „Maar het is goed om eens te laten zien wat de mogelijkheden zijn op het gebied van rouwvervoer.”

Roze Cadillac

Volgens uitvaartondernemer Iwan van Dongen uit Zoetermeer raakt de dood steeds meer uit de taboesfeer. „Toen ik begon was een rouwauto zwart of grijs, maar nu is er ook keuze uit wit, bordeauxrood en blauw. En steeds vaker komen er andere wensen, ik heb dit jaar al drie keer een roze Cadillac ingezet.”

Frits Spierings uit Helmond heeft voor zijn uitvaartbedrijf de beschikking over een originele rouwaanhanger uit 1958 van het Duitse bedrijf Pfefferkorn. „Dit is een klassieker, maar dit soort aanhangers wordt nog steeds gebouwd. Met name in het Oostblok hebben begrafenisondernemers vaak niet de middelen om een echte lijkwagen te kopen en dan is een aanhanger wel zo handig.”

Spierings bezat nog een Volkswagen Kever uit 1968 („Al mijn kinderen hebben daarin leren rijden”) en die liet hij overspuiten in hetzelfde antracietgrijs als het rouwtrailertje. „Dat staat toch mooier. Die Pfefferkorn heeft ronde vormen, dan moet je er geen vierkante Chrysler voor zetten.” Spierings heeft al reserveringen voor de Kever met ‘rouwcaravan’ en het voertuig is ook te huur. „Vaak bellen er mensen die iets met kamperen hebben. Of met Kevers.”

En dan is er de uitvaartbus. Een initiatief van Mark van de Poel uit Deventer. De oud-drummer van het Metropole Orkest bouwde ruim tien jaar geleden een compacte Utrechtse stadsbus om tot een rouwvoertuig, met plaats voor zo’n vijftien familieleden en vrienden. „Ik heb het altijd heel raar gevonden dat je een overledene in een aparte auto schuift en er dan zelf achteraan rijdt. Het is toch veel mooier als je gezamenlijk de laatste rit maakt?”

Twee tot drie keer per week verzorgt Van de Poel een uitvaart en er is inmiddels één familie die hem bij elk nieuw sterfgeval belt. „Het is toch een aparte ervaring om die laatste rit met z’n allen te maken. Vaak wordt er heel wat afgekakeld en gelachen onderweg.”

Het initiatief van de uitvaartbus kreeg navolging – CVU Uitvaartzorg in Rotterdam heeft een touringcar die ook als rijdend condoleancecentrum kan worden gebruikt. Maar aan zo’n meer dan veertien lange bus kleven volgens Van de Poel nadelen. „Daar kom je geen woonwijk mee in. Mijn bus is nauwelijks de helft. En bij mij krijg je ook geen chauffeur van Connexxion, zoals bij CVU.”

Mogelijkheden genoeg dus voor een anders-dan-andere begrafenis. Uitvaartondernemer Gert-Jan van Bennekom regelde zelfs dat iemand op zijn eigen MG werd weggereden; de kist vastgezet op een speciale plank. Toch jammer dat je voor zo’n bijzondere rit eerst moet overlijden.

nuvema.nl/rouwautorit, uitvaartbus.com, rouwcaravan.nl, uitvaarttruck.nl