Banken voelen nu ook daling van huizenprijzen

De problemen op de woningmarkt vreten hun weg in de balansen van Nederlandse banken. Hamvraag nu: hoe royaal is er in het verleden uitgeleend?

In een flinke economische crisis zijn alle banken eigenlijk gelijk. Tenminste, dan hebben ze bijna allemaal last van dezelfde problemen.

Na twee weken van cijfers presenteren door de grootste Nederlandse banken, zijn die problemen eenvoudig op te sommen.

Elke bank heeft last van slechte leningen. Door de economische crisis raken bedrijven in de problemen, kunnen niet meer aflossen op hun afgesloten kredieten, waarna banken voorzieningen moeten treffen op die leningen. Met andere woorden: de banken gaan er vanuit dat ze het uitgeleende geld niet meer terugkrijgen, of slechts een gedeelte er van en schrijven daarom een bedrag af op de lening.

Daarnaast ontvangen banken door de crisis steeds meer spaargeld. Mensen geven minder geld uit en zetten het op hun spaarrekening bij de bank. Mooi voor de banken, want daarmee dekken ze een deel van hun funding. Probleem is alleen dat het overtollige geld door de meeste banken bij de Europese Centrale Banken (ECB) gestald wordt in plaats van bij collega banken. Kwestie van vertrouwen. Maar stallen bij de ECB gaat tegen een tarief van 0 procent. Aan de andere kant moeten banken klanten door de toegenomen concurrentie op de spaarmarkt juist meer rente betalen. Dus daalt de rentemarge van bijna alle banken waardoor banken minder winst maken.

De winst daalde het afgelopen half jaar het hardst bij ING, met 35,9 procent in vergelijking met de eerste helft van vorig jaar tot 1,85 miljard euro. Bij de Rabobank daalde de winst de in dezelfde periode met 29 procent tot 1,3 miljard euro. En staatsbank ABN Amro zag de winst het afgelopen half jaar met 15 procent dalen tot 827 miljoen euro. Vanwege de problemen die een economische crisis nu eenmaal met zich meebrengt voor banken werden deze resultaten door ING-topman Hommen „solide” genoemd, was Rabobank-topman Piet Moerland „tevreden” waar ABN Amro-baas Gerrit Zalm zich bij aansloot.

Een positieve uitzondering was SNS Reaal dat de winst juist zag stijgen, met maar liefst 116 procent tot een bedrag van 115 miljoen euro in vergelijking met de 53 miljoen euro in de eerste helft van vorig jaar. Alleen werd deze winst bijna in zijn geheel veroorzaakt door eenmalige boekwinsten die de verzekeringstak van het bedrijf wist te behalen door gestegen marktwaarde van rentederivaten en de omwisseling van kortlopende obligaties tegen langer lopend schuldpapier. Kortom; geen winst uit de kernactiviteiten.

Want juist SNS Reaal is een goed voorbeeld van de problemen die banken momenteel treffen en waarvan ze zelf verwachten dat die de komende tijd nog erger zullen worden. Dat SNS problemen heeft met de tak die vastgoed financiert – Property Finance – is niet nieuw. Maar waar voorheen de pijn vooral in landen als Spanje en Amerika geleden werd, krijgt SNS nu steeds meer last van de vastgoedleningen die in Nederland verstrekt zijn. In Nederland heeft Property Finance inmiddels op 42,3 procent van het totaal uitgeleende bedrag een voorziening genomen. Het gaat inmiddels om een bedrag van 1,32 miljard euro. Een fikse stijging in vergelijking met eind juni vorig jaar toen dat percentage 28,1 procent bedroeg.

Maar dat betreft commercieel vastgoed. Nu beginnen de problemen op de woningmarkt steeds meer door te dringen in de resultaten van banken. De huizenprijzen dalen, waardoor de zogeheten loan to value ratio – de verhouding tussen hypotheeklening en woningwaarde – bij veel banken stijgt. SNS Reaal zag deze ratio het afgelopen half jaar bij de Nederlandse hypotheken stijgen tot 98,4 procent. Dat is een gemiddelde, maar dat betekent dat tegenover een lening van 98,4 een huis met een waarde van 100 staat. Hoe hoger die ratio, hoe slechter de hypotheekportefeuille van een bank. In totaal heeft SNS een hypotheekportefeuille in Nederland van 50,5 miljard euro.

ABN Amro verstrekte als een van de weinige banken het afgelopen half jaar meer hypotheekleningen in Nederland. De portefeuille bedraagt nu 151,8 miljard euro. De ‘loan to value’-ratio (LTV-ratio) steeg naar 79 procent. Bij marktleider Rabobank met een portefeuille van 218,1 miljard euro aan hypotheken blijkt uit de toelichting niet wat de kwaliteit van de hypotheken is, een LTV-ratio is niet bekendgemaakt. Ook uit de resultaten van ING blijkt niet wat de verhouding is tussen de omvang van ING’s verstrekte hypotheken en de onderliggende waarde van de huizen.