Libanon bezorgd om overslaan conflict Syrië

Bij nieuwe gevechten tussen voor- en tegenstanders van de Syrische president Bashar al-Assad is vanmorgen in de Libanese stad Tripoli een jonge sunnitische geestelijke gedood. De afgelopen paar dagen vielen al dertien doden. De Libanese premier Najib Mikati sprak zijn ongerustheid uit over „pogingen om Libanon steeds meer het Syrische conflict in te trekken.”

Ook in de twee belangrijkste Syrische steden, Damascus en Aleppo, is het gisteren tot hevige gevechten gekomen. Volgens oppositiekringen en mensenrechtenorganisaties zijn tientallen mensen omgekomen.

De Syrische onderminister van Buitenlandse Zaken, Faisal Meqdad bevestigde gisteren dat het bewind van president Assad bereid is samen te werken met de nieuwe gezant van de Verenigde Naties, Lakhdar Brahimi. Deze voert komende week besprekingen in New York om te peilen welke mogelijkheden er zijn om het conflict in Syrië onder controle te krijgen. Meqdad riep Brahimi op zo snel mogelijk „een nationale dialoog” op gang te brengen.

Aan de zuidwestkant van Damascus zijn de regeringstroepen bezig aan een nieuw offensief. In sunnitische plaats Daraya vielen volgens berichten van de oppositie zeker 25 doden en 200 doden in de laatste twee etmalen, vooral als gevolg van zware artilleriebeschietingen van regeringszijde.

In Aleppo slaagden de regeringstroepen erin om enkele christelijke wijken in het centrum van de stad te heroveren. Het leger maakte onder meer gebruik van vliegtuigen en tanks. Veel christenen steunen het bewind van Assad nog altijd en de militairen werden door veel bewoners opgetogen binnengehaald. Volgens Amnesty International hebben de bewoners van Aleppo „afschuwelijk veel geweld” te verduren. (AFP, Reuters, AP, BBC)