The Drum wekt Amerika

De Nederlandse band Nobody Beats The Drum heeft succes in Amerika. Want ze spelen hun elektronische muziek live.

Nobody Beats The Drum: Jori Collignon (links), Sjam Sjamsoedin en Rogier van der Zwaag. Foto Léon Hendrickx

Op maandag zijn de gevolgen nog aanwezig. Twee van de muzikanten zijn hun telefoon kwijt en de derde is niet wakker te krijgen. Het Amsterdamse elektronica-trio Nobody Beats The Drum trad zaterdag op tijdens Lowlands, en trok in de Bravo-tent een publiek van tienduizend man dat sprong, danste en juichte, terwijl de security druk bezig was oververhitting te voorkomen met sponzen en watersproeiers. Het was een triomf die met een buiging voor de zaal werd bekroond.

Rogier van der Zwaag (30) en Jori Collignon (31) – Sjam Sjamsoedin (31) is afwezig – zitten nu op een terras om de hoek van hun huis annex studio en drinken thee. Ook na tien jaar is Nobody Beats The Drum nog geen alom bekende naam, maar dankzij hun vasthoudendheid en muzikale flair heeft het trio nu plotseling een succesjaar. De afgelopen maanden toerden ze twee keer in Amerika en binnenkort volgen daar nog drie korte tournees. Het goed bewaarde geheim van Nederland past in de populaire dancetrend die de Verenigde Staten in zijn greep heeft. Want zo’n 25 jaar nadat Nederland de elektronische dance heeft ontdekt, is ook Amerika wakker geworden. Daar floreren de electro-festivals en acts als Skrillex en Diplo. Van der Zwaag: „Ze noemen het EDM, electronic dance music. Er is nog geen onderscheid tussen verschillende stromingen, wij worden gewoon als EDM-band aangekondigd, op een EDM-festival, ook al maken we compleet andere muziek dan de andere acts die er spelen.” Collignon: „Een paar jaar geleden waren we in Amerika op tournee, maar we kregen toen weinig bijval. We hadden het land al afgeschreven. Nu hebben we ineens een deurtje gevonden. We hebben een concertboeker, twee managers en we krijgen mooie gages.” Dankzij een paar goed betalende festivals kon de band in het voorjaar tien weken onafgebroken toeren, vanaf Philadelphia met de klok mee door het land, met 25 optredens op festivals en in clubs.

Voor de Amerikanen heeft zijn band twee attracties, zegt Van der Zwaag: de Europese achtergrond en de manier van optreden. „Amerikanen kijken op tegen Nederlandse, Franse en Engelse acts. Nederlanders als Tiësto en Afrojack zijn daar grote sterren. En het publiek vindt het bijzonder dat wij onze muziek live spelen.” Want daarmee onderscheidt de groep zich van collega’s die kant-en-klare tracks laten horen. De Amerikaanse dance-grootheid Deadmau5 postte onlangs een blog waarin hij bekende: „Live gespeelde dance? We all press ‘play’.” Maar NBTD drukt niet op play. Afgezien van enkele vaststaande ritmetracks, bespelen Sjamsoedin en Collignon ter plekke hun keyboards en besturingspads om synthesizers en effecten te reguleren, terwijl Van der Zwaag zijn videobeelden mixt. Ze improviseren met keyboards, extra drums en een slinger aan effectknoppen – een in hun genre ongebruikelijke aanpak.

Bizons

De muziek van Nobody Beats The Drum, zoals te horen op hun twee cd’s, Beats Work (2009) en Currents (2011), is niet bedoeld voor de huiskamer, tenzij die huiskamer gedijt bij de roffelende hoeven van een kudde bizons. Over die ritmische onderstroom kletteren de schorre synthesizerklanken terwijl een stem zijn herhaalde noodkreten roept. Het stuwt, zwelt en raast, met hier een modulatie en daar een ‘drop’ (een plotselinge ritme-uitbarsting) – de luisteraar in ademnood achterlatend.

Een hit ontbreekt vooralsnog. Keyboardspeler Jori Collignon geeft toe dat hij enige druk voelt nu Amerika meekijkt. „Onze live-optredens moeten we daar gaan ondersteunen met een cd of een single. Liefst een die meteen inslaat, zo zien ze het graag. Maar daar probeer ik tijdens het muziek maken geen rekening mee te houden. Ik maak gewoon de nummers die tijdens het douchen in me opkomen.”

Voor de Amerikaanse tour maakte NBTD een nieuwe show, 333, vernoemd naar de 3x3 projectieschermen op het toneel. Met drie in hun apparatuur verzonken voormannen, is gekozen voor een nadrukkelijker rol van filmbeelden. Rogier van der Zwaag is fulltime filmmaker, hij maakt de videoclips en de projecties die tijdens optredens vertoond worden. Zijn inzet is groot, zoals bleek in 2010 toen hij enkele maanden met gekleurde blokjes schoof om een analoge stop motion-clip bij hun nummer Grindin’ te maken. Die concentratie is een gedeeld kenmerk van de leden. Gevraagd naar het effect van tien weken non-stop toeren in een volgepropte auto door Amerika, zeggen Collignon en Van der Zwaag dat ze het dankzij hun vriendschap konden doorstaan. Die band stamt van meer dan tien jaar geleden. „Toen speelden we nog niet samen, maar we woonden in hetzelfde huis in Utrecht. We zaten de hele dag achter onze computers en apparatuur muziek te maken. Rogier hoorde de tracks door de muur heen. Dat bracht hem op ideeën voor filmpjes, zo ontstond de samenwerking.”

Zelfs voor de drie vrienden duurde de trip soms lang. Van der Zwaag: „De eerste vijf weken ben je constant in vervoering door alle bijval en de enorme festivals waar we konden spelen. Daarna kreeg ik behoefte aan afzondering. Dus dan droeg ik in de auto vaker een koptelefoon.” Collignon: „Ik vond het uitsluitend heerlijk. Niets leuker dan muziek maken en reizen.” Hij miste maar één ding tijdens het toeren. „Mijn vogel die me thuis iedere ochtend wakker maakt door op mijn hoofd te gaan zitten. Het is een love bird.”

Nobody Beats The Drum treedt op: o.a. 24/8 Westerpop, Delft; 25/8 Mysteryland, Haarlemmermeer; 18/10 Amsterdam Dance Event, Melkweg, Amsterdam.