Sparkle Frizz

Brussel vanaf de GR12, het wandelpad van Amsterdam naar Parijs. Foto Raoul de Jong / NRC Brussel vanaf de GR12, het wandelpad van Amsterdam naar Parijs. Foto Raoul de Jong / NRC

Ik kwam Brussel in via de Grand Route, dus vermeed de industrieterreinen en woonboulevards grotendeels dit keer, maar passeerde parken en villawijken. En toch voelde ik me alsof ik moest huilen. Mijn moeder had me gesms-t, mijn vriendje en vrienden. Omdat ze zich zorgen maakten?

Arme jongen, leek iedereen te denken met wie ik sprak. De man achter de balie van een snackbar waar ik een patatje stoofvlees bestelde. De eerste mensen aan wie ik de weg vroeg. En zo voelde ik me ook. Arme jongen. Alsof ik 16 weken in een Eurolines-bus had gezeten, zo voelde ik me. Ik had het gehad met mijn outfit. Al drie weken dezelfde travel gear met stom etuitje hangend aan mijn broek. Ik ben geen mountaineer. Ik haat kaartlezen. En het erge was dat ik er ook niet over kon klagen, want ik had dit zelf bedacht.

Het centrum was een beetje overweldigend. Alles zo groot en hoog, met loeiende sirenes, heel veel mensen en een dreigende grijze lucht. Het deed me denken aan sommige straten in New York. Ik vroeg de weg aan twee meisjes die ik Vlaams hoorde praten. Een lang donker meisje, en een korte Marrokaanse. Ze maakten een beetje ruzie over hoe ik het best kon lopen naar het oude centrum. De lange kreeg gelijk. Terwijl ik wachtte tot het stoplicht op groen ging kwam ze naast me staan. “Ik moet dezelfde kant op, ik loop wel even met je mee.”

Ze was heel gezellig, meteen. Relaxed en easy going en ze hield van praten. Waar ik vandaan kwam? Rotterdam, zei ik. O, leuke stad moet dat zijn, had ze gehoord. Zij kwam uit Brussel, geboren en getogen. Ze was Franstalig, maar had zichzelf Nederlands geleerd. Je moet tweetalig zijn als je in deze stad een baan wilt vinden. De meeste mensen verbaasde dat, een donker meisje dat Nederlands spreekt. In dit gedeelte van het land zijn het vaak alleen de blanken. Maar het zijn vooral de Arabieren die het zwaar hebben hier. Er is weinig menging tussen de verschillende bevolkingsgroepen, zoals in Nederland, dat vond ze jammer.

“En jij?” vroeg ze, “wat is je afkomst?”

“Half Nederlands, half Surinaams.”

“Kijk, dat bedoel ik nou!” riep ze, “die mix!”

En is dit je eerste keer in Brussel? vroeg ze. Nee, zei ik. Ze lachtte: O gewoon, de weg weer helemaal vergeten? Ik legde uit dat ik normaal met de trein kom, en nu was komen lopen. Waar ik vandaan kwam? En waar ik naar op weg was? En toen stopte ze met lopen: OH MY GOD! Helemaal uit Rotterdam! Maar hoe… de weg vinden en lopen en… hoe?! Gewoon lopen, zei ik. Of het niet zwaar was? Ik zei dat het lopen wel meevalt, dat het alles eromheen is wat zwaar is soms.

“Nou,” zei ze, “ik vind het prachtig wat je doet.” Ze had nog nooit iemand ontmoet die dit deed. En wist zeker dat dit het avontuur zou worden van mijn leven.

Toen moest ze naar links en ik moest naar rechts. Ik maakte een foto van haar maar vergat haar te vragen hoe ze heet. Dus noem ik haar Sparkle Frizz. Een prachtig bolletje bruisende energie. Precies wat ik nodig had.

Het begon te regenen. Ik kocht een pakje sigaretten, al was ik eigenlijk gestopt. En stak er eentje op, terwijl ik schuilde in een grijs portiekje. Ik wist nog niet waar ik die nacht zou blijven slapen, maar het deed er niet toe, het had wel wat.

'Sparkle Frizz' in Brussel. Foto Raoul de Jong / NRC

'Sparkle Frizz' in Brussel. Foto Raoul de Jong / NRC'Sparkle Frizz' in Brussel. Foto Raoul de Jong / NRC

Raoul kreeg voor zijn tocht van de ANWB Human Nature travel gear, een rugzak en een jack van The North Face en een iPad van Mangrove.