Getrouwde vrouwen gaan meer drinken

Het proeven van en het schrijven over wijn brengt in mijn geval de komst van rond de 7000 flessen per jaar met zich mee. Welbeschouwd vallen mijn inspanningen echter in het niet bij die van mevrouw Hamersma. Als hoofd logistiek ontvangt zij alle koeriers, leveranciers, producenten en importeurs, doet de administratie, slaat de flessen op in verschillende ruimtes en in klimaat- en ijskasten, ontkurkt de flessen en gooit deze, na beoordeling door ondergetekende, door de gootsteen. Ontstopper zult in huize Hamersma vergeefs zoeken.

Ook de chef glasbak ressorteert onder haar. En volgens haar is die ‘de ideale medewerker’. Deze functie bekleedt zij namelijk ook. Zonder morren brengt zij in een tweewielig boodschappenkarretje van het type dat zo populair is onder senioren, en wat ik haar ‘auto van de zaak’ noem, de oogst naar de glasbak op de hoek. Wie 7000 door de 365 dagen van het jaar deelt, komt op rond de 20 flessen per dag uit.

Wat u zegt, dat valt eigenlijk reuze mee. Toch vormen haar activiteiten als streetcornerworker voor velen (de glasbak staat op de kruising van de Van Breestraat en de hoofdstedelijke luxe jurken-winkelstraat de Cornelis Schuyt) aanleiding om tijdens haar flessen gooien meewarige blikken te werpen dan wel om commentaar te geven.

Inmiddels is zij geharnast tegen opmerkingen als ‘Nou mevrouwtje, u spuugt er ook niet in’, ‘de Jellinek-kliniek zit twee straten verderop’ en ‘Zo, u had een groter feestje dan ik gisteravond.’

Vroeger wilde zij nog wel eens een gesprekje aangaan met de toevallige passant maar daar is zij mee gestopt. Ze kon wel aan de gang blijven.

Bovendien geloofde niemand de verklaring waarom zij glasbakhabitué was: ‘Een man die over wijn schrijft…Ja, ja.’ Nu hoeft zij overigens dat laatste niet meer als argument te gebruiken. Alle vrouwen gaan meer drinken als zij trouwen. En niet alleen die van wijnschrijvers.

Dat heb ik kunnen opmaken uit Marriage drives women to drink, een recent gepubliceerd onderzoek van de Universiteit van Cincinnati. Aanleiding voor de toenemende consumptie door de dames is overigens niet het proberen weg te drinken van het ongeluk maar, zo lees ik, omdat zij gelijke tred gaan houden met het drinkpatroon van hun echtgenoot.

Overigens veroorzaakten de cijfers waarmee de universiteit naar buiten kwam (19,2 glazen per maand; 0,6 glas per dag) bij mevrouw Hamersma acute symptomen van ontwijningsverschijnselen. Voor minder dan drie glazen per dag krijg ik haar niet naar de hoek.

Over haar bovengemiddelde inname durf ik echter niets te zeggen. Voordat je het weet heb ik een scheiding aan mijn broek hangen. En dat kan in mijn geval dramatische gevolgen hebben. Uit hetzelfde onderzoek blijkt namelijk dat de alcoholconsumptie van de gescheiden man met ruim 10 procent toeneemt.

Dat houdt in dat mijn jaarquotum dan stijgt naar ongeveer 8000 flessen. Nu is dat allemaal nog tot daar aan toe. Maar wie brengt die flessen dan naar de glasbak?