De Bovenbazen (80)

De bovenbaas legde de hoorn op de haak en keerde ingezakt terug naar zijn bezoekers.

‘Onbegrijpelijk!’ herhaalde hij. ‘obb is blij dat het werk is stilgelegd. “Gelukkig!” zei hij. Hoe kan dat? Solium is zijn enige bezit; hij graaft zijn eigen graf!’

‘Of het onze,’ zei de heer Grind somber. ‘Ik ben bang dat dit een nieuwe onverwachte zet is van een meesterbrein!’

‘Hij is een financieel genie,’ prevelde de plastickoning. ‘Een Baas bovenbaas.’

‘Daar wil ik je hebben!’ riep ng uit. ‘Houd hem geïsoleerd! Zorg dat hij nergens krediet krijgt! We staan voor een vijand die nergens voor terug zal deinzen!’

Heer Bommel was zich daarvan echter in het geheel niet bewust. Nu het werk van de mammoetschuivers eindelijk stillag, begaf hij zich opgelucht per oude Schicht naar de stad om een brood te kopen. Doch daar hij merkte dat het trouwe voertuig niet voldoende benzine meer had, stopte hij halverwege bij een pomp om te tanken.

‘Zet het maar op mijn rekening,’ sprak hij. ‘Mijn kleingeld is tegen mijn grootgeld gekleefd, als u begrijpt wat ik bedoel.’

‘Ik kan wel wisselen,’ zei de bediende voorkomend.

‘Maar ik kan er niet aankomen!’ hernam heer Ollie. ‘Mijn grootgeld is samengebald door fusies en zo.’

Nu werd de houding van de ander stug.