Canadese reserves van cruciaal belang voor CNOOC

De voorgenomen overname van het Canadese Nexen voor 15 miljard dollar door CNOOC lijkt een dure grap, vooral omdat de Chinese oliemaatschappij haar dividend heeft gekort en kampt met stagnerende productie en stijgende kosten. Maar CNOOC heeft een opkikker nodig. De expertise van Nexen in boortechniek kan het Chinese concern helpen meer uit zijn binnenlandse activiteiten te halen.

CNOOC meldde onlangs een winstval van 19 procent op jaarbasis. Het concern heeft ook zijn dividend met 40 procent gekort, een stap die de beurskoers op 21 augustus met 4 procent deed kelderen. Hoge olieprijzen moeten goed zijn voor CNOOC. Als upstream-producent hoeft het concern zijn producten niet aan de Chinese consumenten te verkopen tegen de vaste prijzen die de regering heeft vastgesteld.

Maar de voordelen komen er niet uit. De verkopen van olie en gas door CNOOC namen de laatste zes maanden van 2011 met 4 procent toe, terwijl de kosten per vat stegen met maar liefst 13 procent. En een forse belastingaanslag zorgde ervoor dat een middelmatig half jaar in een regelrechte teleurstelling omsloeg.

In het meest ideale geval zou CNOOC in hoog tempo olie omhoog pompen als de prijzen hoog zijn. Maar in plaats daarvan is de productie gelijk gebleven, deels omdat een groot Chinees olieveld na een lek in 2011 moest worden gesloten. Zelfs als het veld heropend kan worden, zal CNOOC moeite hebben zijn doel van 6 à 10 procent productiegroei te verwezenlijken tussen nu en 2015.

Daarom komt de overname van Nexen goed van pas: de 75 miljoen vaten aan jaarlijkse productie van Nexen zou CNOOC in één klap vlakbij die doelstelling brengen. Belangrijker nog is dat de expertise van Nexen op het gebied van het boren in schaliegesteente en diep water CNOOC kan helpen zijn eigen productie op te voeren, in het bijzonder in de Zuid-Chinese Zee. Als de olie eenmaal gaat stromen, kunnen de rendementen stijgen.

Veel hangt af van de politiek. De bezittingen van Nexen in de VS omvatten waardevolle booractiviteiten in open zee waar CNOOC niet graag afstand van zou willen doen. Zelfs als Canada de transactie goedkeurt, kan het Amerikaanse Congres bezwaar maken tegen de verkoop van dit soort bezittingen aan een Chinees staatsbedrijf. Dat zou voor problemen kunnen zorgen.

Maar zelfs tegen de hoge overeengekomen prijs betaalt CNOOC nog geen 20 dollar per vat voor de bewezen reserves van Nexen, tegen een waardering van de eigen reserves van ongeveer 26 dollar per vat. En het koerswinstgemiddelde van CNOOC van 8,5 maal de verwachte winst over dit jaar is 40 procent lager dan het sectorgemiddelde, aldus gegevens van Reuters.

Als het Canadese avontuur vruchten afwerpt, zouden de aandeelhouders van CNOOC wel eens meer waardering voor hun bedrijf kunnen krijgen.

John Foley

Vertaling: Menno Grootveld