Magische wreedheid komt extra hard aan

Rebelle laat de kindsoldaat zien zonder het gebruikelijke moralisme.

Rebelle Regie: Kim Nguyen. Met: Rachel Mwanza, Alain Bastien, Serge Kanyinda, Ralph Prosper, Mizinga Mwinga. In: 4 bioscopen

Sommige films zijn met niets te vergelijken. Dat geldt voor Rebelle van de Canadese regisseur (van Vietnamese origine) Kim Nguyen, een in quasi-documentaire stijl gefilmd verhaal over kindsoldaten. Het begint al met de 14-jarige hoofdrolspeelster, Rachel Mwanza, die door de filmmaker in de Congolese hoofdstad Kinshasa min of meer van de straat geplukt, na audities waarop honderden straatkinderen af waren gekomen. Haar présence op het scherm is enorm. Terecht heeft ze voor haar rol op het laatste filmfestival in Berlijn de Zilveren Beer voor beste actrice gekregen.

Maar ook de behandeling van het onderwerp is heel bijzonder. Rebelle blijft vér van clichématige behandeling van het vaak sterk met moralistische voorstellingen omgeven onderwerp. Rebelle behandelt het thema vanuit de psychologie van de kindsoldaten zelf, wier denkwereld niet zozeer door keiharde realiteiten, maar eerder door magische voorstellingen wordt bepaald. Dat geeft de film iets liefelijks – en magisch gepercipieerde gruwelijkheid komt hard aan.

Rebelle speelt in Oost-Congo, waar kinderen met geweld worden ontvoerd om te dienen in een legertje dat een clandestiene coltan-mijn beschermt. Coltan-erts is een grondstof voor kleine elektrische geleiders in mobiele telefoons en laptops. De kinderen krijgen een kalasjnikov in de hand gedrukt en worden ingezet in vuurgevechten met regeringssoldaten, na eerst onder de invloed van een hallucinerend middel te zijn gebracht dat als een wit papje uit bomen wordt gewonnen.

Het door Mwanza gespeelde meisje Komona ziet onder invloed van het middel overal witte spookverschijningen, waardoor de indruk ontstaat dat zij op magische wijze in de jungle tegenstanders ontwaart. Dit leidt tot haar promotie tot officiële tovenares van de baas van de mijn, Grote Tijger genoemd. Daar heerst een terreurbewind – wat trouwens in het geheel niet uitsluit dat de kinderen, stoned en wel, loyaliteit aan hun leider en hun ‘leger’ ontwikkelen. Ook op de mijn zijn geweld en magie onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Komona weet tot twee keer toe aan deze structuur te ontsnappen, waarbij opvalt hoe dicht de ‘civiele’ wereld en die van het brute geweld bij elkaar liggen – geografisch en psychologisch. De kaders van de organisatie – de sergeants, zeg maar – houden wel op gruwelijke wijze de discipline in stand. Zo wordt Komona gedwongen haar eigen ouders dood te schieten. Maar ze worden tegelijkertijd niet als onmensen afgebeeld. Je zou je hen, onder andere omstandigheden, heel goed als succesvolle caféhouders of middenstanders bij jou in de buurt kunnen voorstellen.

Ook die ‘gewoonheid’ van de gruwel maakt van Rebelle een betrekkelijk explosieve film. Het heeft iets heel verontrustends wanneer het kwaad zich niet in de vorm van schurken manifesteert.

De ‘gewoonheid’ in de film is deels het resultaat van de door Nguyen, die in 2002 als regisseur debuteerde met het historische Le Marais, gevolgde werkwijze. Hij filmde chronologisch en stelde zijn acteurs – merendeels amateurs – niet op de hoogte van het vervolg van het verhaal of de context van wat zij speelden. Het resultaat van zijn werkwijze is buitengewoon ontroerend en zeer verontrustend.