In Oost-Europa is het recht een spel

De machtsstrijd in Roemenië laat zien hoe weinig achting politici in Zuidoost-Europa voor rechters hebben. Maar burgers willen verandering.

Een demonstratie tegen de Roemeense president Basescu, gisteravond in Boekarest. Het Constitutioneel Hof bepaalde dat hij mag aanblijven. Foto AP

Dana Ghicajanu (20) hoort bij de Roemenen die de hoop vormen van de Europese Unie. Ze begint het tweede jaar van haar studie rechten in Cluj, een levendige stad in het noordwesten van Roemenië. Ze wordt opgeleid met de handboeken van de EU, over de scheiding der machten en het belang van een onafhankelijke rechtspraak. Ze is actief bij een online magazine over justitie. En ze wil ooit rechter of officier van justitie worden.

Maar voorlopig nog niet. „Kennissen die aanklager zijn raden me aan te wachten. Het land wordt nu nog geleid door ex-communisten en hun vrienden.” Een officier van justitie die een verdachte met connecties vervolgt, loopt het risico van een zaak gehaald te worden. Of overgeplaatst naar een verre uithoek van het land.

Ghicajanu zag hoe de autoriteiten de afgelopen weken probeerden invloed uit te oefenen op de uitspraak van het Constitutioneel Hof, gisteren, over de geldigheid van het recente referendum over afzetting van president Traian Basescu. Aanklagers van het Anti-Corruptie Directoraat gingen van deur tot deur om te onderzoeken of met het referendum was gefraudeerd, vertelt Ghicajanu in een Skype-gesprek. „Mensen moeten op een bijbel zweren dat ze niet twee keer hebben gestemd.” Ze is teleurgesteld in haar land. „Dat zijn toch communistische praktijken?”

Ghicajanu staat niet alleen in haar frustratie. De Europese Commissie en de Raad van Europa hebben de afgelopen weken ferme taal gesproken over de politieke druk op rechters.

De machtige Basescu en het kamp van premier Viktor Ponta blijken rechters en aanklagers te zien als een stuk gereedschap om hun onderlinge clanstrijd te beslechten. Leden van het Hof klagen over zware politieke druk. In een noodkreet begin deze maand aan onder meer de Europese Commissie schrijft de president van het Hof over bedreigingen en beledigingen door de regering.

Het versterkt de twijfel aan het succes van de EU om lidstaten te hervormen. De EU heeft veel geld gestoken in het opbouwen van de rechtsstaat, regels voorgeschreven en voortgangsmetingen gedaan.

Maar het Roemeense geworstel met de verhouding tussen de machten staat niet op zichzelf. In Hongarije probeert het rechtse Fidesz, dat bij verkiezingen in 2010 de absolute meerderheid kreeg, de greep op instellingen zoals ombudsmannen en de centrale bank te vergroten.

In buurland Servië, sinds maart kandidaat-lid van de EU, is net de onafhankelijkheid van de centrale bank verkleind en de gouverneur, die zich te onafhankelijk opstelde, vervangen door een lid van een regeringspartij.

In juli publiceerde de Europese Commissie rapporten over justitie, corruptiebestrijding en de aanpak van de georganiseerde misdaad in Roemenië en Bulgarije, vijf jaar na toetreding tot de EU in 2007. In een woord samengevat: onvoltooid. Er is vooruitgang, maar wie had gedacht dat de nieuwe lidstaten na een paar jaar klaar zouden zijn, heeft zich ernstig verkeken.

Hoe komt dat?

Onder begeleiding van de EU zijn inmiddels vrijwel alle wetboeken aangepast, aan de hand van de beste voorbeelden binnen de EU. Alle voorgeschreven organen, raden, wetten en procedures bestaan. Maar de cultuur is niet zomaar veranderd, zegt Andrea Chis (42), rechter bij het Hof van Beroep in Cluj. Pogingen van politici om rechtbanken en aanklagers onder druk te zetten zijn er in Roemenië nog voortdurend, vertelt ze. De kunst is je daar niet door te laten beïnvloeden. „Ik kan dat, de meeste rechters kunnen dat inmiddels. Dat leer je stap voor stap.”

In het Constitutioneel Hof, dat de politieke strijd tussen Basescu en Ponta moest beslechten, zitten vooral professoren en advocaten. „Die zijn daar niet op getraind. Nu er zoveel druk is zie je dat ze ervan schrikken. En geen snelle beslissingen meer durven te nemen.”

Onder druk stelde het Constitutioneel Hof het vonnis over het referendum uit tot gisteren. Extra tijd voor nieuwe verwarring en intriges. Het voedde de argwaan dat machthebbers het recht net zo lang proberen te kneden, tot de uitkomst hun naar wens is.

Maar dankzij de Europese bemoeienis en de vrij beschikbare informatie, onder meer op internet, is onder een groeiend aantal Roemenen het bewustzijn ontstaan dat dit niet is zoals het hoort. Ondanks alle pogingen tot beïnvloeding leiden steeds meer corruptiezaken tot vervolging, ook op hoog niveau. Dit jaar werd ex-premier Adrian Nastase tot twee jaar cel veroordeeld. Om aan opsluiting te ontkomen schoot hij zichzelf voor zijn hoofd. Hij veroorzaakte slechts een schampwond.

De volgende dag zat premier Ponta aan Nastases bed in het ziekenhuis, uit loyaliteit aan de man aan wie hij zijn carrière te danken heeft. „Dat is nog het moeilijkste”, verzucht rechter Andrea Chis. Politici geven voortdurend het verkeerde voorbeeld en ondermijnen de juridische macht. Ze schelden op rechters en aanklagers en beschuldigen ze ervan voor het andere politieke kamp te werken. „Ik weet dat ik onafhankelijk tot mijn oordeel kom. Maar het publiek gelooft me niet.”

In ex-communistische landen bestaat de traditie om instanties na te spelen, meent de Bulgaarse jurist Hristo Ivanov van het Bulgarian Institute for Legal Initiatives, een non-gouvernementele organisatie die de ontwikkeling van de rechtsstaat bevordert. Onder het communisme was een decor opgetrokken van parlementen en rechtbanken. Het waren lege hulzen. Dat geldt deels nog steeds, zegt Ivanov. Het parlement is geen actieve wetgevende macht. De pers geen waakhond. Burgers zijn niet gewend om eisen te stellen. „Besluiten worden nog steeds genomen in telefoongesprekken en geheime ontmoetingen.”

Maar niet iedereen speelt meer mee. Door alle nieuwe procedures en toegenomen transparantie, wordt het moeilijker om op de oude voet door te gaan. Rechters en aanklagers worden mondiger en weten zich gesteund door Europese collega’s. Een paar weken geleden gingen Bulgaarse rechters de straat op in een protest. Ongekend voor de beroepsgroep.

Rechtenstudent Dana Ghicajanu is van ná het communisme. Ze is geboren in de periode dat Roemenië zich een democratie ging noemen, maar dat in veel opzichten nog niet was. Uit de oude communistische partijelite ontstonden concurrerende politieke netwerken, die rijk werden van snelle privatiseringen.

Niemand had het toen over onafhankelijke rechters en aanklagers. Dat thema werd pas na de eeuwwisseling op de agenda gezet door de EU. Interventies uit Brussel stuiten meestal op weerstand van regeringen, maar krijgen steun van burgers. Driekwart van de Roemenen en Bulgaren wil dat de EU doorgaat met het monitoren van corruptiebestrijding en justitiehervormingen.

Het groeiende aantal veroordelingen van hooggeplaatsten komt het vertrouwen van burgers ten goede, zegt Livia Saplacan van het Roemeens Anti-Corruptie Directoraat (DNA). „Mensen komen steeds vaker met tips en bewijzen naar ons toe.”

Als Dana Ghicajanu haar studie heeft afgerond, gaat zij naar het buitenland voor een master of promotieonderzoek.

En dan terug naar Roemenië. „Om het hier op orde te brengen.”