Een koophuis is nu net zo veel waard als in 2004

De huizenprijzen zijn in 2011 het sterkst gedaald sinds 1995.

Rotterdam. De prijs van koopwoningen lag vorige maand 8 procent lager dan in juli 2011. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De prijsdaling is het grootst sinds het CBS en het Kadaster in 1995 begonnen met de zogenoemde ‘prijsindex bestaande koopwoningen’. Ten opzichte van augustus 2008, toen de huizenprijzen nog piekten, is de waarde van koopwoningen met 15 procent gedaald. De huizenprijzen zijn nu terug op het niveau van 2004. „Dat betekent dat de eventuele waardestijging van iedereen die nadien een huis heeft gekocht, verdampt is”, zegt een woordvoerder van het CBS. De gemiddelde woningprijs was afgelopen juli circa 217.000 euro.

In juni kwamen er nog positieve berichten over de woningmarkt. Van mei op juni steeg het aantal verkochte huizen met bijna 60 procent tot 16.210, volgens het Kadaster. De gemiddelde koopprijs steeg met 5 procent tot circa 240.000 euro. Een verklaring is volgens het CBS dat kopers wilden profiteren van de verlaging van de overdrachtsbelasting tot 1 juli. Ook registreert het Kadaster in de zomer vaker een piek in de verkoop omdat het transacties altijd met twee tot drie maanden vertraging verwerkt en in het voorjaar meer huizen worden verkocht.

In de eerste zeven maanden van 2012 werden 66.000 woningen verkocht, 3 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Hoe lang de prijsdaling nog doorzet, is onduidelijk. „Maar op zeker moment zal de woningmarkt weer aantrekken.” De behoefte aan woningen groeit volgens het CBS nog steeds. NRC