Zomerlezen

Lucas Reijnders, Rob Sijmons e.a., Voedsel in Nederland. Van Gennep Amsterdam, 1973, 196 blz. Antiquarisch verkrijgbaar.

De mythe dat het voedsel in Nederland an sich gezond was en dat boeren, kruideniers en voedingsindustrie het beste met ons voor hadden, die mythe wilde de Bond voor Wetenschappelijke Arbeiders in 1973 weerleggen. De voedingssector bleek vooral geïnteresseerd in het eigen belang en als dit belang gediend werd met grote hoeveelheden ‘additieven’, ‘contaminanten’ en ‘residuen’ in het voedsel, dan moest dat maar. Vaak wist zij de wetgever achter zich te krijgen.

Kritiek op de voedingsindustrie was koren op de molen van de aanhangers van biologisch-dynamische landbouw en macrobiotiek in de reformhandel en de kabouterbeweging. Maar interessant genoeg moesten de Wetenschappelijke Arbeiders daar ook niet veel van hebben. Zij waren in de eerste plaats rationeel.

Wie het boek nu leest, en de rommelige compilatie van willekeurige voorbeelden voor lief neemt, vraagt zich af waar Reijnders c.s. zich destijds zo druk om maakten. Meer of minder sulfiet in vlees. Emulgeermiddel in brood. Sorbitol in jam. De grote salmonella- en dioxineschandalen moesten nog komen, de rampen in de intensieve veeteelt waren ver weg en van genetische manipulatie was nog geen sprake.

Hun wantrouwen was terecht, moet je constateren, maar hun waarschuwing heeft weinig geholpen.

Karel Knip