Wat kan Brahimi, wat Annan niet kon?

Lakhdar Brahimi, de nieuwe internationale bemiddelaar voor Syrië, maakt zich geen illusies. Vrijdag werd hij benoemd als opvolger van Kofi Annan, die afgelopen maanden namens de Verenigde Naties en de Arabische Liga vergeefs probeerde een staakt-het-vuren en een politieke oplossing af te dwingen. Gefrustreerd gaf Annan begin deze maand zijn „mission impossible” op.

Wat kan Brahimi, wat Annan niet kon? Dat is de vraag die zich nu opdringt. Maar volgens Brahimi is dat de verkeerde vraag.

De diplomatieke veteraan (78), die minister van Buitenlandse Zaken van Algerije is geweest en VN-gezant in tal van moeilijke situaties, heeft de inspanningen van Annan op de voet gevolgd en als oude vriend regelmatig contact met hem gehad.

De reden dat Annan heeft gefaald, zei Brahimi gisteren tegen persbureau Associated Press, is „dat de internationale gemeenschap hem niet de steun heeft gegeven die hij nodig had. De vraag is niet wat ik anders kan doen [dan Annan], maar of anderen zich anders gaan opstellen.”

Brahimi doelde in de eerste plaats op de VN-Veiligheidsraad, die in de kwestie-Syrië bitter verdeeld is. De Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk staan recht tegen over Rusland en China. Die laatste twee landen hebben herhaaldelijk een veto uitgesproken over resoluties die volgens hen eenzijdig tegen het regime waren gericht.

Brahimis benoeming werd met instemming begroet door Washington, Moskou, Peking en Damascus. Maar de Syrische rebellen lieten meteen hun onvrede blijken, toen hij zaterdag in een interview zei dat het „te vroeg” voor hem was om zich uit te spreken over de vraag of president Assad moet aftreden. De grootste oppositiecoalitie, de Syrische Nationale Raad, eiste meteen dat de kersverse bemiddelaar „zijn excuses zou aanbieden aan het Syrische volk voor dit onacceptabele standpunt”.

Brahimi zei daarop dat hij alleen had willen zeggen dat het te vroeg is om wat dan ook te zeggen over de inhoud van zijn missie. Ondertussen verscheen Assad zondag, voor het eerst sinds juli, weer in het openbaar. Op televisie was te zien dat hij in een moskee in Damascus een dienst bijwoonde ter gelegenheid van het begin van het Suikerfeest.

Naar verwachting zal Brahimi zijn bemiddelingspoging niet beginnen in Syrië, maar bij de Veiligheidsraad in New York. Anders dan Annan, die opereerde vanuit Genève, zal hij ook in New York kantoor houden. Daar moet hij de vijf permanente leden van de raad op één lijn zien te krijgen – om vervolgens met hun steun de partijen in Syrië onder druk te zetten om een oplossing te accepteren.

Net als Annan wil Brahimi Iran, een nauwe bondgenoot van Assad, bij zijn bemiddelingspoging betrekken. Maar de Amerikaanse regering wil tot nu toe niet dat Iran bij vredesoverleg wordt betrokken, omdat het land deel van het probleem zou zijn.

Brahimi zegt te zullen opereren op basis van zijn eerdere ervaringen in andere situaties. Een militaire interventie in Syrië, zegt hij, „wordt door niemand gesteund”. Hoe volgens hem wél een oplossing voor Syrië bereikt kan worden is nog niet duidelijk. Toen de NAVO vorig jaar in Libië ingreep, pleitte hij voor een staakt-het-vuren en een VN-vredesmacht – waar het overigens niet van kwam.

Maar Brahimi kent de beperkingen van vredestroepen en de risico’s die eraan verbonden zijn. Namens de VN onderzocht hij het falen van de volkerenorganisatie in Rwanda en op de Balkan in de jaren negentig.

Redacteur Internationale betrekkingen