‘PvdA en CDA moeten overeenkomsten niet vergeten’

De huidige hoofdrolspelers binnen de fractie van de PvdA tijdens de presentatie van de kandidatenlijsten. Foto Flickr / PvdA

Het CDA en de PvdA moeten meer benadrukken dat ze als middenpartijen veel waarden delen. Die oproep doen zeventien politici, oud-politici, bestuurders en actieve leden van beide partijen vanochtend in dagblad Trouw.

Een van de initiatiefnemers van het zogeheten Vredenburgberaad, waar NRC Handelsblad begin april al over berichtte, is vicevoorzitter Ronald Zoutendijk van de CDA-afdeling in Wassenaar. De belangrijkste aanleiding voor het initiatief was de vraag waarom PvdA’ers en CDA’ers zo’n ‘pesthekel’ aan elkaar hebben, zegt hij in Trouw.

Middenpartijen hebben elkaar nodig

Voor initiatiefnemer van PvdA-zijde Kees Waagmeester was het laatste kabinet-Balkenende, waarbij CDA en PvdA elkaar de tent uit vochten, reden in gesprek te gaan. De groep kwam in januari voor het eerst bij elkaar. Inmiddels is de conclusie dat het beeld van elkaar niet best is, maar dat de middenpartijen elkaar nodig hebben.

De partijen moeten volgens het beraad zoeken wat hen bindt en elkaar na de verkiezingen op de hoogte houden over de formatie. De strijd om de kiezers in het centrum is volgens het beraad een belangrijke verklaring voor de wederzijdse haat. Daar komt bij dat beide partijen voortkomen uit sterk moreel geladen tradities.

Het is volgens de deelnemers niet nodig de politieke verschillen te overbruggen. Polariseren moet kunnen als het gaat om het beklemtonen van verschillen tussen de sociaal-democratie en de christen-democratie.

Overeenkomsten op gebied van zorg, onderwijs en rechtsstaat

Tegelijk ziet het beraad veel overeenkomsten:

“Onze beide partijen zjin partijen geworden voor mensen die nog wel greep hebben op hun eigen leven, die profijt trekken van de globalisering en die zich daarin thuis voelen. Voor grote groepen in de samenleving geldt dat niet. Hun zorgen moeten wij opzoeken.”

Ook als het gaat om de rechtsstaat, het gemeenschapsdenken, een degelijke overheid, een goede zorg, goed onderwijs, goede sociale voorzieningen en de weerstand tegen voortdurende schaalvergroting en commercialisering zijn er overeenkomsten.