Michelle Martin toont falend rechtssysteem

De mogelijke voorwaardelijke vrijlating van Michelle Martin, de ex-vrouw van Marc Dutroux, laat zien dat de Belgische strafrechtspleging nog steeds ernstige problemen heeft. Zondag demonstreerden enige duizenden mensen in Brussel, in een verre echo van de Witte Mars van 1996. Die werd gehouden na de arrestatie van Dutroux, die destijds zes meisjes ontvoerde en misbruikte. Van hen overleefden er slechts twee. Martin wist wat haar man uitspookte in de kelder.

De Witte Mars was een blijk van machteloosheid, frustratie en woede over de vele ongerijmdheden in het Belgische strafrecht. Sindsdien zijn de vorderingen bescheiden. België kampt al decennia met wantoestanden in het gevangeniswezen en is laks met hervormingen van het strafrecht en modernisering van de rechtspleging. Het cellentekort is zo groot dat het al na eenderde van de vrijheidsstraf mogelijk is voorwaardelijk vrij te komen. In het veel strengere Nederland is een proeftijd pas na tweederde van de straf mogelijk, onder voorwaarden. Dus niet altijd en ook niet voor iedereen.

De crisis in de Belgische strafrechtspleging is behalve in de overbezetting van de sterk verouderde gevangenissen vooral te zien in de korte celstraffen. Celstraffen onder de zes maanden worden niet uitgevoerd. Straffen korter dan drie jaar worden automatisch ingekort tot een jaar en vaak vervangen door elektronisch toezicht dat thuis kan worden ondergaan.

De Belgische overheid staat feitelijk met de rug naar de slachtoffers. En dus ook naar de rechterlijke macht, die gefrustreerd is door de bestuurlijke zwakte. Veel strafvonnissen zijn lege briefjes. Dat de strenge straf van dertig jaar voor Martin al na tien jaar in een kloosterverblijf kan uitmonden en zo lijkt te verdampen, past in dat treurige beeld.

De Belgische burger neemt dat niet en eist toegang tot de strafprocedures, net als in Nederland. Niet alleen om het leed toe te lichten dat hun is aangedaan. Maar nu ook om betrokken te mogen blijven bij het vervolg, na de rechtszaak. In de zaak-Martin werden de ouders van de vermoorde meisjes verrast door de beslissing. Hun onbegrip nu ligt voor de hand. Gebrekkige communicatie is ook in Nederland nog te vaak een kenmerk van de rechtspleging. Om de terugkeer naar de samenleving en de rehabilitatie van de dader mogelijk te maken, is publieke steun nodig. Die kan alleen worden verworven met transparantie, geduld en het informeren van de burger. Daar is een wereld te winnen.