Dood leider Ethiopië raakt Oost-Afrika

In Ethiopië ontstaat een machtsvacuüm door het overlijden van premier Meles Zenawi vannacht. Hij heerste ruim twintig jaar in de instabiele Hoorn van Afrika.

Premier Meles Zenawi (57), de onbetwiste leider van Ethiopië, de op één na volkrijkste Afrikaanse natie, is vannacht overleden.

Meles groeide na zijn machtsovername in 1991 uit tot een politicus waarop de stabiliteit in eigen land en in de regio rustte. Ethiopië is strategisch gelegen in de Hoorn van Afrika. Er kan een machtsstrijd in het land met 94 miljoen inwoners uitbreken, in het grote vacuüm dat hij achterlaat. Maar minister Bereket Simon, die zijn overlijden op de staats-tv bekendmaakte, voorspelt een probleemloze overgang naar een nieuwe leider: „We hebben een sterke regeringspartij en het opvolgingsplan is in werking getreden”.

De bevolkingsgroep waartoe Meles behoorde, de Tigreeërs, maakt slechts 5 procent van de bevolking uit maar oefent in leger en regering een buitenproportionele invloed uit. Voorlopig opvolger van Meles is minister van Buitenlandse Zaken Haile Mariam Desalegn. Die stamt van een kleine en politiek onbelangrijke tribale groep in Zuid-Ethiopië.

Vlak voor de zege van zijn guerrillabeweging in 1991 sprak Meles nog zijn sympathie uit voor het Albanese communisme. Van radicale verzetsstrijder tegen het uiterst repressieve bewind van Mengistu Haile Mariam ontwikkelde de premier zich tot knuffeldier van Westerse donoren. Hij mocht Afrika vertegenwoordigen bij de G20, het topoverleg van rijke industrielanden.

Vanaf zijn sterfbed mengde hij zich de laatste weken in het vredesoverleg van Zuid-Soedan en Soedan.

Op aandringen van Amerika vielen Ethiopische militairen eind 2006 buurland Somalië binnen en verdreven radicaal-islamitische strijders uit de macht. Het Ethiopische leger werd door het Westen een cruciale rol in de strijd tegen terrorisme toebedeeld en vecht nog steeds in Somalië tegen de terreurgroep Al-Shabaab.

Meles ruilde na 1991 zijn communistische idealen in voor liberale economische ideeën, maar omarmde nooit de democratie. Toen bij vrije verkiezingen in 2005 plots de bevolking massaal tegen zijn partij stemde, haalde hij de teugels aan en begon een zware vorm van repressie.

Het gebrek aan vrijheid werd gecompenseerd door de grote economische vooruitgang. De afgelopen jaren groeide de economie volgens de officiële cijfers gemiddeld met meer dan 10 procent. De premier ondernam grote infrastructurele projecten. Tot woede van Egypte begon hij een project om het water van de Nijl in de dammen, tot ergernis van buitenlandse actiegroepen legde hij dammen aan in de rivier de Omo, waardoor traditionele stammen hun grondgebied verliezen.

Meles was een gehaat en geliefd leider, erudiet en altijd overtuigd van zijn eigen gelijk. Zijn erfenis ligt ergens tussen die van een tirannieke dictator en een leider die in het middeleeuwse Ethiopië eindelijk economische vooruitgang bracht. Zijn economische model ontdaan van democratie oefent aantrekkingskracht uit op Afrikanen die menen dat het continent nog niet rijp is voor volledige democratische vrijheden.