Birma heft censuur na 48 jaar op

De Birmese regering heeft vandaag na 48 jaar de perscensuur afgeschaft. Het betekent een belangrijke stap in het hervormingsproces dat het land sinds het aantreden van president Thein Sein vorig jaar doormaakt.

Journalisten spreken van „een grote verbetering”. Birma gold decennia als een van de landen waar de persvrijheid het meest werd geschonden ter wereld. Het afgelopen jaar waren journalisten al voorzichtig op zoek gegaan naar de grenzen van de vrijheid van meningsuiting onder het nieuwe bewind. Ze kunnen nu al veel meer bespreken dan voor het aantreden van Thein Sein.

Tegelijk wijzen journalisten erop dat de media nog altijd geen volledige vrijheid genieten. De regering behoudt de mogelijkheid streng op te treden tegen publicaties die haar niet zinnen. Taboe blijven bijvoorbeeld artikelen over bestuurlijke corruptie of over wangedrag van militairen.

Veelzeggend is ook dat de Raad voor de Censuur nog niet wordt opgeheven. In plaats van controle vooraf zullen de medewerkers daarvan de teksten van kranten en tijdschriften na publicatie beoordelen.

Op grond van wetten die door het toenmalige militaire bewind werden ingevoerd, kunnen journalisten zonder veel omhaal in de gevangenis belanden. De interpretatie van deze wetten, die vooralsnog van kracht blijven, leent zich volgens critici voor willekeur.

Veel journalisten, vooral bij de radio en de televisie, censureren daarom – al dan niet bewust – zichzelf om problemen te vermijden. (Reuters, AP)