Veroordeeld tot verder leven

Britse rechters wezen gisteren het verzoek van een verlamde man om hulp bij zelfdoding af. Hij lijdt ondraaglijk, maar er is een politiek besluit nodig.

Tony Nicklinson, verlamd van nek tot voeten, bij de rechtbank in het Zuid-Engelse Melksham. Foto Getty Images

Tony Nicklinson had gehoopt dat hij gisteren eindelijk eens een mooie dag zou beleven. De 58-jarige Brit is als gevolg van een beroerte in 2005 van nek tot voeten verlamd. Hij communiceert door te knipperen met zijn ogen (een computer vertaalt). En hij kan huilen, zoals gisteren bleek.

Zijn leven is een „vleesgeworden nachtmerrie”. Elke ochtend moet hij zijn bed uitgetakeld worden, gewassen worden, en geholpen worden bij zijn ontlasting. Om vervolgens in zijn rolstoel te worden gehesen, waarin hij de rest van de dag kwijlend moet doorbrengen.

Hij had gehoopt dat hij gisteren uitzicht zou krijgen op een uitweg uit zijn „vernederende en ondraaglijke” bestaan. Een Brits gerechtshof behandelde de zaak die hij had aangespannen om hulp bij zelfdoding te krijgen, met een beroep op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens waarin het recht op een gezinsleven wordt gegarandeerd. In het Verenigd Koninkrijk is hulp bij zelfdoding verboden, net als euthanasie. Assisteerders riskeren veertien jaar gevangenisstraf. Door zijn verlamming kan Nicklinson geen zelfmoord plegen.

Niet alleen hij zag uit naar de uitspraak van de rechter. Voorstanders van euthanasie zien in zijn zaak een breekijzer op het wettelijke Britse euthanasietaboe. De rechter erkende gisteren het lijden van Nicklinson, maar hem toestaan ter dood gebracht te worden acht de rechter in strijd met de wet. Nicklinson in het gelijk stellen zou de facto legalisering van euthanasie zijn, maar dat is „niet aan de rechter”. Het parlement moet besluiten of de wet op euthanasie wel of niet wordt verruimd.

De rechter schuift de hete aardappel dus door naar de politiek, merkte Nicklinsons vrouw Jane op, die haar man iedere dag geprakt eten voedt, zoals een baby. De politiek die al jaren zijn handen niet durft te branden aan het euthanasiethema. Zeker in het Hogerhuis stuit elke verandering op weerstand, met name van Conservatieven en bisschoppen.

„We hebben altijd gehoopt dat de rechters het zouden begrijpen. Ik denk dat zij denken dat de kwestie vanzelf weggaat als ze die onder het tapijt vegen,” zei ze.

Nicklinson maakte met knippertekens bekend „kapot” te zijn van de uitspraak. De computer vertaalde: „Ik had gehoopt dat als de rechters mij zouden zien zoals ik ben, volstrekt ongelukkig met het leven dat ik heb, machteloos om er zelf iets aan te doen door mijn handicap, dat ze mijn redenering zouden volgen dat ik niet verder wil gaan zo en dat ik in staat moet zijn een waardige dood te hebben. Ik ben verdrietig dat de wet mij wil veroordelen tot een onwaardig bestaan.”

Hij zei dat hem nu nog maar twee opties resteren. Voor de rest van zijn leven „deze martelgang” ondergaan. Of zichzelf doodhongeren.

Britse pro-life organisaties verwelkomden het besluit. In de Britse krant The Times zei Paul Tully, van SPUC Pro-Life: „Het legaliseren van het doodmaken van mensen die lijden, stuit tegen de borst van vele, vele andere mensen.” Voor de familie Nicklinson had hij een advies. „Op het locked-in syndroom [de medische benaming voor Nicklinsons handicap, red.] moeten we met compassie en solidariteit reageren.”