Column

Olaf en Roemer

Sommige mensen kunnen opeens een beetje tegenvallen. Je had bepaalde daden of ideeën niet van ze verwacht, je had ze wijzer geacht. Je valt jezelf ook wel eens tegen, behoorlijk zelfs, maar dat hou je zo goed mogelijk voor de buitenwereld verborgen – geen slapende mensen wakker maken.

Wat hebben Erwin Olaf (grachtengordel, homo, kunstfotograaf) en Emile Roemer (Boxmeer, hetero, politicus) gemeen? Op het eerste gezicht erg weinig, maar voor mij vielen ze deze week ongeveer tegelijkertijd even van hun voetstuk.

In het geval van Olaf viel niet goed meer te achterhalen wie er gelijk had. Discrimineerde de Turkse snackbareigenaar die de zoenende Olaf van zijn erf joeg, of ging het hem niet om ‘homo of hetero’, maar had hij gewoon bezwaar tegen mensen die aanstellerig stonden te zoenen? Olaf beweerde het eerste, de eigenaar het laatste.

Bij dat aanstellerige zoenen kon ik me wel iets voorstellen: je breekt de laatste jaren soms je nek over stellen (vooral hetero’s!) die midden op stoepen en tramhaltes elkaar minutenlang ostentatief omstrengelen. Het lijkt soms meer op een verwurging dan op een omhelzing. De liefde als demonstratie – zie hoe goed wij het met elkaar hebben getroffen.

Toen kwam die door Olaf uitgeroepen ‘kiss-in’ op de stoep van de snackbar – als publiek protest. Alles leek weer pais en vree, maar opeens was daar dat filmpje op GeenStijl: Olaf spuugde verslaggever Tom Staal recht in het gezicht. Ik had niet de indruk dat Staal op dat moment zijn werk op een onbehoorlijke manier verrichtte. Hij probeerde er een luchtig onderwerpje van te maken en interviewde gemoedelijk wat mensen.

Ten slotte wendde hij zich tot Olaf met de vraag: „En hoe is het nou, Erwin, om op deze dag van liefde en genegen-…” Olaf keek hem met een vaag lachje aan en onderbrak hem met een volle fluim in het gezicht. Staal bleef netjes, maar ging hem wel achterna met de vraag: „Waarom deed je dat nou?” Olaf lachte schaapachtig, gaf geen antwoord en liet zich maar al te graag door vriendinnen wegleiden.

Wat moeten we hiervan denken? Olaf is een mondige man, dat is zeker: eerst zoenen, dan spugen en ook verder vrij veel praatjes. Wil hij misschien iets te graag aandacht?

In dat geval is daar dé overeenkomst met Emile Roemer, die zich gisteren pijnlijk verslikte in ‘Europa’. Onze voornaamste kandidaat-premier riep ’s morgens in de krant nog ferm dat hij het betalen van Europese boetes met zijn dode lichaam zou blokkeren, maar ’s avonds gaf hij alweer toe dat hij toch liever wilde doorleven, vooral als politicus. Daar was maar één goed doorvragende journalist in Nieuwsuur voor nodig. In de studio maakte Pechtold dankbaar gehakt van het stoffelijk overschot.

Toch was dit niet wat mij deze week het meest aan Roemer stoorde. Dat was zijn weigering om aan het lijsttrekkersdebat over onderwijs in Utrecht deel te nemen. Hij liet een fractielid op de tv zeggen dat hij „zoveel aanbiedingen voor optredens” kreeg. Flauwekul. Hij stond die dag tomatenijsjes uit te delen aan zijn aanhangers in het Amsterdamse Westerpark. Dat had best op een andere dag gekund.

Dit is nu het derde grote verkiezingsdebat waaraan Roemer zich onttrekt. Zo heeft hij het kennelijk afgesproken met Rutte, die zich ook nergens laat zien. Liever scoren ze met gecontroleerde interviews in kranten en op de tv. Deze week ging het mis: het interview werd een fluim in eigen gezicht.