Gevechten bij vliegveld in Aleppo, VN bezig met vertrek uit Syrië

Een strijder van het Vrije Syrische leger probeert met zijn luchtafweergeschut een gevechtshelikopter van de regeringstroepen neer te halen in Aleppo. Foto Reuters / Goran Tomasevic

Het vliegveld van Aleppo is vandaag voor het eerst het decor geworden van de strijd tussen Syrische regeringstroepen en de oppositie. Rebellenbolwerken in de grootste stad van het land worden al wekenlang bestookt door het leger en de luchtmacht.

De oppositionele strijdkrachten zijn uit sommige delen van Aleppo verdreven, maar de gevechten bij het vliegveld wijzen erop dat de strijd zich verplaatst naar andere delen van de stad. Het Syrische staatspersbureau SANA zegt dat “gewapende terreurgroepen”, de term die de regering hanteert voor haar tegenstanders, aan beide kanten van het vliegveld zijn teruggedrongen. Het is onduidelijk of de gevechten dichterbij de internationale luchthaven plaatshadden of bij het aangrenzende militaire vliegveld, van waaruit luchtaanvallen worden uitgevoerd in het noorden van het land.

Al Jazeera in gesprek met legerleider Malik al-Kurdi van het Vrije Syrische Leger:

VN begint met koffers pakken

Ondertussen zijn in Syrië de waarnemers van de Verenigde Naties, wier mandaat zondag afloopt, vandaag begonnen hun spullen te pakken. De leden van de Veiligheidsraad hebben erkend dat verlenging van de missie zinloos is, aangezien het geweld niet is afgenomen en de Syrische regering nog steeds zware wapens inzet. Een kleine groep militaire, politieke en mensenrechtenadviseurs gaan in Damascus een verbindingskantoor bemannen, zodat de VN kunnen blijven proberen te bemiddelen in de Syrische burgeroorlog.

Syrische burgers worden in steeds groteren getale slachtoffer van de gevechten tussen de regering en de rebellen. Volgens activisten kwamen door regeringstroepen afgevuurde mortiergranaten donderdagochtend terecht op burgers die bij een bakker in Aleppo in de rij stonden voor brood. Zeker tien mensen kwamen hierbij om. De opstand, die vorig jaar maart begon, heeft volgens Syrische activisten al aan zeker twintigduizend mensen het leven gekost.