'Decriminaliseren van cannabis levert 420 miljoen op'

De aanleiding

„Laat Nederland weer gidsland zijn bij de strijd tegen drugsproblemen”, schreef Tweede Kamerlid Tofik Dibi (GroenLinks) in een artikel op zijn persoonlijke website. Het stuk werd tevens afgedrukt op de opiniepagina’s van de Volkskrant. Nederland zou volgens Dibi een voorbeeld moeten nemen aan Portugal, waar drugsgebruik sinds 2001 zou zijn gedecriminaliseerd. Hij pleit ervoor om ook hier alle drugs te decriminaliseren, te beginnen met cannabis. „We weten dat het decriminaliseren van cannabis 160 miljoen euro bespaart op de inzet van politie en justitie en 260 miljoen opbrengt aan extra belastinginkomsten”, beargumenteert hij. „Samen 420 miljoen euro.” Lezer Wouter Monden hoopt dat de bewering waar is, mailt hij, maar verzoekt deze krant hem toch te controleren. next.checkt zocht het uit.

Waar is het op gebaseerd?

In zijn artikel verwijst Tofik Dibi voor deze uitspraak niet naar een specifieke bron. Navraag bij een woordvoerder leert dat Dibi zich baseert op de Brede heroverwegingen, een serie rapporten die in 2010 is opgesteld door de Inspectie der Rijksfinanciën. Die rapporten hadden als doel bezuinigingsmogelijkheden te onderzoeken op verschillende beleidsterreinen. Ook het Nederlandse softdrugsbeleid werd daarin onder de loep genomen.

Interpretaties

Met decriminaliseren wordt bedoeld dat drugsbezit en -gebruik uit het strafrecht worden gehaald. Dat wil niet zeggen dat de drugs zelf legaal zijn, maar wel dat iemand niet strafrechtelijk kan worden vervolgd voor bezit of gebruik. Ook in Portugal, het door Dibi aangehaalde voorbeeld, zijn drugs niet legaal. In Nederland wordt softdrugsbezit en -gebruik op dit moment gedoogd. Beide zijn nog steeds strafbaar voor de wet, maar richtlijnen schrijven voor om niet tot vervolging over te gaan. Verder decriminaliseren zou inhouden dat de wet dusdanig wordt bijgesteld dat bezit, gebruik en teelt van cannabis niet langer strafbaar zijn en coffeeshops een legale status krijgen.

En, klopt het?

In de Brede heroverwegingen is de uitspraak van Tofik Dibi inderdaad terug te vinden. Het rapport Veiligheid en terrorisme had als doel ten minste 2 miljard aan besparingsmogelijkheden te vinden. In dat kader werden ook bezuinigingsmogelijkheden rond het Nederlandse softdrugsbeleid onderzocht. Volgens het rapport geeft Nederland per jaar zo’n 160 miljoen euro uit aan de bestrijding van softdrugscriminaliteit. „Decriminalisering zou dit bedrag besparen”, schrijft het rapport. „Bovendien biedt het de mogelijkheid om door belastingheffing extra inkomsten te genereren (mogelijk 260 miljoen).” Samen komen die twee bedragen uit op de 420 miljoen die Tofik Dibi noemt. Volgens een woordvoerder van het ministerie van Financiën gaat het hier om een „grove berekening” uit 2010.

Maar wie verder leest, ziet dat de onderzoekers hierbij een belangrijke voorwaarde plaatsten: deze besparing gaat alleen op als er internationale consensus over het drugsbeleid wordt gevonden. Dat wil zeggen: op dit moment verbieden meerdere verdragen met de Verenigde Naties en de wetgeving binnen de Europese Unie het legaliseren van verkoop, teelt en bezit van cannabis binnen al haar lidstaten. Ook het Europese Schengenakkoord staat dit in de weg. De vergelijking die Dibi maakt met Portugal gaat hier dus scheef, want ook daar kan uit cannabis geen belastinginkomsten worden gewonnen.

In 2009 onderzocht de Nederlandse Adviescommissie Drugsbeleid in hoeverre het verder decriminaliseren van cannabis in Nederland mogelijk is. Ze concludeerde dat dit alleen kan als de betreffende internationale verdragen eenzijdig door Nederland worden opgezegd. Dat noemt de commissie „onrealistisch”. Daarnaast, waarschuwt een woordvoerder van het ministerie van Justitie, zal het opzeggen van zulke verdragen sancties en internationale spanningen tot gevolg hebben die op dit moment niet zijn te overzien – en dat zou op zijn beurt weer zware financiële repercussies voor Nederland met zich meebrengen, die tegen de opbrengsten moeten worden afgezet.

Beweren dat het als „gidsland” decriminaliseren van cannabis op dit moment ‘droog’ 420 miljoen zou opleveren, zoals Tofik Dibi doet, is dus niet juist. Overigens is ook het bedrag van 420 miljoen niet onbetwist. Econoom Martijn Boermans van de Hogeschool Utrecht berekende in het artikel An economic perspective on the legalisation debate: the Dutch case uit 2010 dat het legaliseren van cannabis zelfs maximaal 850 miljoen euro aan belastinginkomsten met zich mee zou kunnen brengen. Dit omdat bij legalisering de productiekosten van hennep zullen dalen, waardoor een hogere accijnsheffing kan worden gevorderd zonder dat dit een prijsstijging – en bijbehorende terugloop van de vraag – tot gevolg heeft.

Maar ook hier geldt: dat kan alleen wanneer er internationale consensus over wordt bereikt óf wanneer Nederland eenzijdig eerder getekende internationale verdragen schendt, met alle (financiële) gevolgen van dien.

Conclusie

Tofik Dibi pleit voor het decriminaliseren van drugs, waaronder softdrugs. In een pleidooi op zijn website schrijft hij dat „het decriminaliseren van cannabis 160 miljoen euro bespaart op de inzet van politie en justitie en 260 miljoen opbrengt aan extra belastinginkomsten, samen 420 miljoen”. Hij baseert zich op een grove berekening uit een onderzoek van het ministerie van Financiën. Een belangrijke voorwaarde uit dat onderzoek laat Dibi achterwege: die opbrengsten gaan namelijk alleen op wanneer er internationale consensus over het decriminaliseren van sofdrugs wordt bereikt. Zou Nederland op dit moment als „gidsland” cannabis verder decriminaliseren, dan is dat in strijd met meerdere internationale verdragen, onder andere met de VN. Het schenden daarvan zou niet in te schatten (financiële) consequenties met zich meebrengen. Daarom beoordeelt next.checkt de bewering dat ‘het decriminaliseren van cannabis 420 miljoen opbrengt’ als grotendeels onwaar.