Ook artsen komen hier niet meer

Rellen in een Noord-Frans stadje stellen de president en de politie op de proef. De burgemeester spreekt van een „rechteloze zone”.

Correspondent Frankrijk

Amiens. Slechts wat brandend tuinafval hoefde de brandweer gisternacht te blussen in het ‘hete noorden’ van Amiens. Een groep hangjongeren voor het deelraadkantoor hield het om half drie voor gezien en droop onverrichter zake af naar huis. Meer dan tweehonderd agenten waren gemobiliseerd. Ze bleven de hele nacht verdekt opgesteld. Geen provocaties.

Voor een uitgebrande sportzaal zit Ahmed (56). Hij is tevreden met zijn gelijk. „Ik zei het je toch. Zo gaat het altijd. Als de politie zich niet nadrukkelijk vertoont, is er niets aan de hand.” Dinsdag zei hij over de relschoppers: „Het zijn geen lieverdjes, maar dat zijn die lui van de oproerpolitie ook niet. Ik zie dagelijks hoe ze hun middelvinger naar die jongens opsteken en hoor dagelijks hoe ze beledigingen sissen bij identiteitscontroles.” Af en toe komt de spanning één nacht tot ontploffing, zei hij.

Dat gebeurde maandagavond. Tijdens een confrontatie met een honderdtal jongeren raakten zestien politieagenten gewond. Er werd met hagel op agenten geschoten. Een basisschool en een sportschool gingen in vlammen op. Drie passerende automobilisten werden achter het stuur vandaan getrokken, hun auto werd in brand gestoken.

Sinds de geweldsgolf die in het najaar van 2005 door de Franse banlieue raasde, valt het land met regelmaat ten prooi aan spontaan oplaaiende rellen en ander urbaan geweld. Zo werd de laatste dagen in Toulouse nog een bendeoorlog uitgevochten.

Voor president François Hollande is ‘Amiens’ de eerste test. Vanuit het departement Var, waar hij met vakantie is, sprak hij ferme taal en beloofde geld en spierkracht voor de politie. Later die dag bracht minister van Binnenlandse Zaken Manuel Valls een bezoek aan Amiens. Binnen het socialistische kamp staat Valls bekend om ferme stellingnames over veiligheid. Maar hoe fermheid te tonen en zich tegelijk te onderscheiden van het repressieve beleid van oud-president Nicolas Sarkozy?

„Ik ben hier niet gekomen met een Kärcher (hogedrukspuit, red.)”, zei hij in verwijzing naar een berucht geworden dreigement van Sarkozy. Om haastig te vervolgen dat de schade „op geen enkele manier te verexcuseren viel” en de orde zou zegevieren.

Gemakkelijk had Valls het niet. Op bezoek in het deelraadkantoor in de getroffen wijk kreeg hij verwensingen toegebeten. Het geplande bezoek aan de plaats delict werd afgeblazen. Te riskant.

Ter plaatse bleek dinsdag waarom. De autowrakken van de nacht ervoor mogen zijn weggesleept, tussen jongeren uit de buurt en de politie is de spanning te snijden. Zo’n twintig man oproerpolitie staat onder een afdak bij de uitgebrande school. Rond hen zoemen tientallen jongeren als horzels. Ze spuwen fluimen en scheldwoorden. „Hoerenzonen!” De agenten verroeren geen vin.

„Met de gewone politie hebben we geen enkel probleem”, zegt de tiener Nadir. „Die zegt altijd beleefd goeiedag. Maar de oproerpolitie zegt niets. Die slaat alleen.”

Sinds Valls het noorden van Amiens eind juli op de lijst van vijftien zogeheten ‘zones de sécurité prioritaire’ zette en de politieaanwezigheid in de wijk toenam, liepen de spanningen op.

Grijze woonkazernes, een laagopgeleide, slecht geïntegreerde immigrantenpopulatie, werkloosheid en criminaliteit: het noorden van Amiens is zo’n typische Franse buitenwijk waar alle stadsproblemen samenkomen. Burgemeester Gilles Demailly lijkt de hoop opgegeven te hebben. In een interview sprak hij van „een rechteloze zone”.

Catherine Thomas van de plaatselijke apotheek bezorgt al twee jaar niet meer in Michelis-Brossolette, een wijkje waar het er hard aan toe gaat. „Ook artsen komen er niet meer.”

„In Michelis-Brossolette maakt men zijn eigen wetten”, corrigeert Norah (20) aan de klantzijde van de balie. Ze meent te weten waarom de spanning tussen jongeren en politie de afgelopen tijd hard opliep. „Meer politie is slecht voor de drugshandel. De bendeleiders stoken hun jongere broertjes op.”

Achter haar toonbank zit Thomas al twintig jaar op de eerste rij. Voor jongeren valt hier weinig te beleven erkent ze. „Maar van rondhangen gaat het snel van kwaad tot erger.” Voor de politie heeft ze geen lof. „Die weet wie de daders zijn, maar arrestaties worden niet verricht. De boel sussen heeft prioriteit.”